NOS Nieuws•
-

Nina Jurna
correspondent Latijns-Amerika
-

Nina Jurna
correspondent Latijns-Amerika
Twee grote tassen vol medicijnen en medische apparatuur, gedoneerd uit Chili en Costa Rica, worden uit een auto geladen van ICAP, de Cubaanse nationale organisatie die de humanitaire hulp coördineert. De afgelopen weken kwam met hulpkonvooien over het water en door de lucht internationale hulp voor Cuba op gang. Veel wordt gedoneerd vanuit Latijns-Amerika.
Ik ga mee naar een ziekenhuis waar de lading met medische producten naartoe wordt gebracht. Het verplegend personeel pakt de spullen uit en is blij met de steun, want sinds de algehele olieboycot, opgelegd door de Amerikaanse president drie maanden geleden, komt er geen druppel olie Cuba binnen.
Enige verlichting kwam afgelopen week toen een Russische olietanker met 730.000 liter ruwe olie toestemming kreeg om aan te meren, en een tweede tanker is onderweg.
Ondertussen staat het land praktisch stil. Ziekenhuizen, scholen, ze functioneren nog met moeite. Er zijn grote stroomstoringen, er is een tekort aan brandstof en prijzen in de winkels worden alsmaar hoger.
Al decennialang is er een embargo van kracht dat de VS oplegde na de revolutie van Fidel Castro (1959), toen Cuba communistisch werd. Daardoor is de import van medicijnen en apparatuur beperkt. Na de val van de communistische Sovjet-Unie, begin jaren negentig, droogde de steun voor Cuba op en raakte het land in de problemen. De recente olieboycot door president Trump verergert alles.
Niet eerder trof ik Cuba, waar ik nu voor de zevende keer ben, in deze toestand aan. Ik zie lege straten waar nauwelijks auto’s rijden. Af en toe toeft er nog een karakteristieke oldtimer voorbij, maar de meeste auto’s staan stil in het centrum van hoofdstad Havana. Toeristen zijn er niet.
Zelf heb ik maar een fiets gehuurd waarmee ik me verplaats over de brede, doodstille avenida’s en de smallere straten in het centrum waar de ooit statige koloniale panden er nu verpauperd bijstaan. Ik moet uitwijken voor de zoveelste berg afval want door het brandstoftekort wordt vuilnis zeer onregelmatig opgehaald.
Er hangt een stinkende walm in de straten en vliegen zoemen boven het afval. Als er wel een vuilniswagen langskomt om de troep op te ruimen beginnen mensen spontaan te juichen en te applaudisseren.
Hoe overleef je in een land dat op instorten staat? Ik vraag het de Cubanen die ik ontmoet. Uit eerdere bezoeken weet ik dat de mensen hier een enorme veerkracht hebben en zich al decennialang door verschillende grote crises heen hebben moeten worstelen. Maar de treurnis die ik nu in het land aantref is erger dan eerder.
Een man die ik in zijn huis bezoek, die twee universitaire titels heeft en op een school werkt als beveiliger, vertelt hoe hij overleeft dankzij het afval. Daar zoekt en vindt hij waardevolle spullen om te verkopen. Daarmee probeert hij een maaltijd bij elkaar te sprokkelen.
Bij zijn benedenburen is er na dagen zonder stroom plotseling weer elektriciteit. Dus worden snel telefoons opgeladen, wordt de ijskast aangezet en worden emmers gevuld met water. Ieder moment kan het weer anders zijn. Daarom leven de Cubanen van moment naar moment, vertellen ze.
Ineens pikkedonker
Want het is ook onveiliger dan tijdens voorgaande bezoeken. Als ’s avonds de stroom ineens uitvalt in de straat waar ik loop en alles pikkedonker wordt, zie ik hoe mensen snel proberen naar huis te lopen. Cuba was altijd een van de veiligste landen in de regio met een zichtbaar aanwezig en streng politieapparaat. Ook dat lijkt tot stilstand te zijn gekomen.
Er zijn veel meer overvallen, hoor ik van Cubanen. Dat houdt verband met de crisis. 90 procent leeft inmiddels in armoede in een land waar alles steeds duurder wordt. Een liter benzine is nu 6000 Cubaanse pesos, ongeveer een maandloon hier.
Met Venezuela als voorbeeld, waar de Verenigde Staten begin januari binnenvielen en president Maduro gevangennamen, hoopt Trump nu ook Cuba naar zijn pijpen te laten dansen. Het nieuws over de dreigementen van Trump, die al een paar keer heeft geroepen dat hij Cuba “zal innemen”, zoemt hier inmiddels rond.
“Er moet verandering komen, maar we willen onze soevereiniteit niet opgeven”, hoor ik veel. Veel jongere Cubanen maakt het niet eens uit wie er aan de macht is, zeggen ze. “Als de situatie maar radicaal verandert”.











