NOS Nieuws•
Mensen met een mbo-opleiding zijn ondervertegenwoordigd in de Nederlandse politiek. In gemeenteraden heeft zelfs minder dan 20 procent een mbo- of vmbo-achtergrond.
Zonde, vindt de Stichting Voor Democratie: “Twee derde van de Nederlanders is mbo-opgeleid. Dus er mag wat meer mbo-perspectief in het beleid komen.” De stichting organiseert daarom cursussen in het land om mbo’ers wegwijs te maken in de wereld van de politiek.
“We weten uit onderzoek dat mbo’ers meer tijd besteden aan de wijk ingaan en met mensen praten. Dat is ook heel belangrijk als volksvertegenwoordiger”, zegt Christien van der Harst van de Stichting voor Democratie.
Mensen willen helpen
De cursussen worden op verschillende plekken in het land gratis gegeven. Gisteren kwamen in het stadhuis in Eindhoven jonge mensen bij elkaar die geïnteresseerd zijn in politiek. Ze leerden daar onder meer debatteren, speechen en zich presenteren, bijvoorbeeld op sociale media.
Een van de deelnemers is de 17-jarige Bao, die een mbo-opleiding doet. Hij zegt dat hij zich blind voelt als hij kijkt naar politiek. “Op de basisschool leer je over de Eerste Kamer en Tweede Kamer en dat ze wetten mogen bedenken en aanpassen. Ik weet alleen niet zo veel over hoe het werkt in zo’n partij.”
Wat hij vooral wil leren, weet hij ook al: “Waar ik sta in de politiek, wat mijn politieke mening is en welke partij ik zou willen steunen.”
Een andere deelnemer is Mika (17), die de opleiding sociaal werk doet. Zij heeft ervaren dat veel mensen in Nederland met sociaal werk te maken krijgen. “Sinds ik begon met de opleiding heb ik gemerkt wat het doet met mensen.” Ze wil leren hoe politiek werkt zodat ze vanuit haar achtergrond in sociaal werk mensen kan helpen.
De stichting probeert politieke partijen te motiveren om zelf vergelijkbare cursussen op te zetten, want die zijn er volgens Voor Democratie nog niet veel.
Taal van de straat
Dennis de Vries is wethouder in Utrecht namens de PvdA en heeft zelf een mbo-opleiding gevolgd. Hij vindt het een stap in de goede richting dat deze cursussen gegeven worden. “Je ziet het gelukkig steeds meer, van dit soort voorbeelden.”
Zelf heeft De Vries altijd in het onderwijs gewerkt. Hij is door zijn partij gevraagd als wethouder omdat die geen standaard bestuurder zocht. “Ze zochten iemand met veel praktijkervaring, die als het nodig is de taal van de straat spreekt. Dat is een beetje mijn geluk geweest.”
De Vries merkt dat er een kloof is tussen wat er op het stadskantoor wordt bedacht en hoe het uitgevoerd wordt in de stad. “Er is niet per se altijd feeling met de bewoners van die wijken. Dat vind ik een groot gemis.”
Voor jonge mbo’ers die twijfelen over een politieke carrière heeft hij een tip: “Gewoon doen. Neem die stap.” Volgens De Vries vergeten mensen soms hoe belangrijk ervaringskennis is. “Bijvoorbeeld als het gaat om armoede en onderwijs. Die kennis is heel erg van waarde in het beleid dat je maakt.”

