NOS Nieuws
Vorige week maandag is op 100-jarige leeftijd Tanja Koen overleden, de eerste omroepster van de NCRV. Dat heeft haar familie via KRO-NCRV laten weten. De uitvaart heeft in besloten kring plaatsgevonden.
In een verklaring noemt de omroep Koen “een van de pioniers van de Nederlandse televisie”. Directievoorzitter Arie Koornneef voegt daaraan toe: “Met het overlijden van Tanja Koen nemen we afscheid van een van de laatste vertegenwoordigers van de generatie die de Nederlandse televisie heeft helpen opbouwen.”
De carrière van Koen in de media begon kort na de oorlog, in 1946. In een interview met de Volkskrant begin dit jaar vertelde de in Amsterdam geboren Koen dat zij en haar man, radiomaker Peter Koen, in dat jaar in Hilversum kwamen te wonen, in de tuin pal achter de NCRV-studio. Zonder dat ze het destijds wisten, was dat haar eerste stap in de media.
‘Zo ging mijn debuut’
Op een ochtend werd ze uit bed gebeld, de omroepster van dienst was ziek. Of Tanja zo snel mogelijk naar de nabijgelegen studio kon komen. “Ik vloog mijn bed uit, kleedde mij snel aan en rende naar de studio. Na het nieuwsbulletin om 07.00 uur moest ik de stationcall uitspreken: ‘Dit is Hilversum 1, de NCRV.’ Daarna klonk het NCRV-lied. Zo ging mijn debuut als invaller.”
Een lange loopbaan bij de protestants-christelijke omroep volgde. Als omroepster op de radio heette Koen, die eigenlijk ballerina wilde worden, tientallen jaren de luisteraars welkom en kondigde ze vele radioprogramma’s aan, zoals toentertijd gebruikelijk was. Ze werd daarmee een belangrijke vertolkster van de sfeer en het geluid van de NRCV en een bekende stem in Nederland.
Toen in 1951 de televisie zijn intrede deed in het Nederlandse medialandschap, moesten alle radio-omroepsters auditie doen. Koen werd door de mannelijke televisie-leiding goed genoeg bevonden om omroepster op tv te worden (“Ik versprak me niet en deed dat later ook nooit”). In een tijd dat Nederland nog maar weinig zenders en televisiepersoonlijkheden kende, werd ze in een klap beroemd.
Toeterende auto
Vlekkeloos verliep de begintijd van de televisie niet. De tv-opnames van de NRCV waren in een wit kerkje in Bussum, waar de omroep voor voorbijgangers een bord had opgehangen met de tekst “Uitzending, stilte”. Niet iedereen gehoorzaamde dit, vertelde Koen in de Volkskrant. “Elke keer als onze uitzending begon, hoorden we buiten een auto luid toeteren. Het bleek een man uit de buurt te zijn, die met zijn vrouw had afgesproken dat hij zou toeteren als hij bijna thuis was, zodat zij het avondeten kon opzetten.”
Nadat zij ook haar eigen programma’s was begonnen te presenteren, stonden er rijen met mensen voor het huis in Blaricum waar zij en haar man inmiddels woonden. Ze liet kaarten van zichzelf drukken die ze voorzag van een handtekening, om aan haar fans uit te delen.
In haar laatste grote interview moest ze lachen om haar faam van toen. “Het was de televisie die een fenomeen was. Als er dan steeds dezelfde juffrouw in beeld kwam die de programma’s aankondigde, trok dat de aandacht”, blikte ze terug in de Volkskrant.
Koen, die in 1977 werd benoemd in de Orde van Oranje Nassau en tot 1986 voor de NRCV werkte, woonde tot op hoge leeftijd zelfstandig in Ede. Eind vorig jaar vierde ze haar honderdste verjaardag. Ze laat vier kinderen, zeven kleinkinderen en vier achterkleinkinderen na. Haar man Peter overleed in 1973 op 50-jarige leeftijd.











