NOS Nieuws•
Een internationaal hof in Den Haag heeft een miljoeneneis van Rwanda tegen het Verenigd Koninkrijk afgewezen. Rwanda eiste omgerekend meer dan 125 miljoen euro van de Britten, omdat de Britse premier Starmer in 2024 direct na zijn aantreden een streep haalde door een omstreden asieldeal tussen beide landen.
Dat akkoord uit 2022 regelde de overplaatsing naar Rwanda van asielzoekers die het Verenigd Koninkrijk illegaal waren binnengekomen, met name door met bootjes het Kanaal over te steken. De asielzoekers moesten in Rwanda het besluit over hun aanvraag afwachten.
Het VK beloofde tientallen miljoenen om de kosten te dekken. Starmers woordvoerder noemde het akkoord “de schokkendste verspilling van belastinggeld die ik ooit heb gezien”.
Rwanda beschouwde het besluit van Starmer als contractbreuk en eiste compensatie omdat het al volop kosten had gemaakt en de Britten een verplichting waren aangegaan. Het Verenigd Koninkrijk wees de eis af, waarop Rwanda naar het Permanente Hof voor Arbitrage stapte.
Het hof concludeert dat uit het diplomatieke verkeer is gebleken dat beide landen het kort na het schrappen van het akkoord al eens waren, dat het VK Rwanda geen geld meer verschuldigd was.
Vier asielzoekers
Op het moment dat Starmer het plan schrapte, hadden vier asielzoekers zich vrijwillig naar Rwanda laten overbrengen. De Britse regering had volgens Sky News toen al meer dan 800 miljoen euro in het project geïnvesteerd.
Het Permanente Hof voor Arbitrage doet uitspraak in internationale geschillen tussen 128 aangesloten landen, internationale organisaties en particuliere partijen. Het werd opgericht in 1899 tijdens de eerste internationale vredesconferentie in Den Haag.












