NOS Nieuws•
Het kabinet wil nog voor de zomer excuses aanbieden aan afstandsmoeders en -kinderen. Afstandsmoeders zijn vrouwen die tussen 1956 en 1984 gedwongen werden om hun pasgeboren baby’s af te staan.
Dat gebeurde vaak onder druk van familie en de kerk, maar ook van instanties als de Raad voor de Kinderbescherming. Het gaat om ruim 13.000 vrouwen en zo’n 15.300 kinderen.
“Er was onvoldoende oog voor de kwetsbare en schrijnende positie van moeders en kinderen. Dat heeft veel pijn en verdriet tot gevolg gehad”, schrijft staatssecretaris Van Bruggen (D66) van Justitie en Veiligheid in een brief aan de Tweede Kamer. Ze erkent dat excuses nodig zijn. “Voor de getroffenen zijn excuses van de overheid een startpunt voor erkenning van dit leed”.
Levenslange schade
Een speciale commissie die onderzoek deed naar afstand en adoptie in die periode concludeerde vorig jaar dat veel afstandsmoeders en -kinderen “levenslange schade” hebben overgehouden en dat de afstandsverklaringen die deze vrouwen moesten ondertekenen geen wettelijke basis hadden.
De moeders en kinderen reageerden teleurgesteld, onder meer omdat de commissie niet tot de slotsom kwam dat de overheid excuses moest maken. Dat wil het kabinet nu dus toch doen en wel “zo snel en zorgvuldig mogelijk”. In februari waren meerdere partijen in de Tweede Kamer daar ook al voor.
Speciale bijeenkomst
Besloten is nog voor de zomer een bijeenkomst te organiseren, waarbij de mensen die het slachtoffer zijn van het toenmalige beleid en hun belangenorganisaties betrokken worden.
Het kabinet wil voor de zomer aan de Kamer laten weten wat het met de aanbevelingen van de onderzoekscommissie gaat doen.
In februari vertelde Jeroen in Nieuwsuur dat hij zelf op zoek ging naar zijn biologische moeder:

‘Er stond dat mijn moeder geen interesse had in mij’
Verleden in Zicht komt op voor de belangen van afstandskinderen. Bestuurslid Frans Haven zegt heel erg blij te zijn dat de excuses er nu komen, al heeft dat volgens hem veel te lang geduurd. Hij ziet het als een goede eerste stap. Hij vindt dat de moeders en kinderen volledig inzicht moeten krijgen in de dossiers die destijds over hen zijn aangelegd.
De stichting had bij het vorige kabinet tevergeefs op excuses aangedrongen. Vorige week had het bestuur een gesprek met de staatssecretaris en minister Hermans (VVD) van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Hij is blij er nu wel snel is gereageerd.
Kippenvel
Bij dat gesprek was ook Ellen Venhuizen van de stichting De Nederlandse Afstandsmoeder (DNA). Ze is “heel erg blij” met de brief van het kabinet. “Kippenvel, hoera!” Ze heeft het goede nieuws meteen in een nieuwbrief verspreid en krijgt enthousiaste reacties van haar achterban.
Ook Venhuizen vindt dat de dossiers nu vrijgegeven moeten worden zonder “lakwerk”. Moeders die dat willen kunnen dan lezen wat er met hun kind gebeurd is. Voor de kinderen is het voor hun identiteit van groot belang om te weten waar ze vandaan komen, aldus Venhuizen.

