NOS Nieuws•
In de Ooijpolder bij Nijmegen zijn twee schimmelsoorten aangetroffen die een directe bedreiging vormen voor de kamsalamander.
Natuurbeschermers roepen wandelaars in het drukbezochte natuurgebied op om voorzichtig te zijn en de schimmel niet nog verder te verspreiden.
Zij spreken over een “stille ramp”, meldt Omroep Gelderland. Omdat zieke of dode amfibieën zelden worden gezien, kunnen populaties ongemerkt instorten. Wordt daarna pas ingegrepen, dan is het te laat.
De beschermde kamsalamander, met een opvallende kam op rug en staart, kwam nog niet zo lang geleden overal voor in Nederland. In de Ooijpolder waren het er zelfs duizenden. Maar al in 2017 zagen de vrijwilligers van de reptielen- en amfibieënonderzoeksgroep Ravon een sterke achteruitgang, toen nog zonder duidelijke oorzaak.
Stukjes huid
Toen de populatie verder afnam, deed Ravon samen met de Universiteit Gent onderzoek. Ze legden stukjes huid van de salamanders onder de microscoop en zagen twee invasieve schimmels: batrachochytrium dendrobatidis (Bd) en batrachochytrium salamandrivorans (Bsal). Deze ziekteverwekkers veroorzaken chytridiomycose, een (huid-)infectie die dodelijk kan zijn voor salamanders, maar ook voor kikkers en padden.
De onderzoekers houden nog een slag om de arm, maar zeggen dat de schimmels “naar alle waarschijnlijkheid” verantwoordelijk zijn voor de afname van de kamsalamander in de Ooijpolder. Mogelijk leiden dezelfde schimmels ook tot sterfte van kamsalamanders in Limburg en rond Zutphen.
Vuursalamander
Al in 2017 werd een andere karakteristieke salamandersoort, de vuursalamander, gedecimeerd door de Bsal-schimmel.
Er is maar één remedie tegen verdere verspreiding van de schimmelsoorten, benadrukt Ravon: strikte hygiëne. Wie gaat wandelen in gebieden waar de salamanders voorkomen, moet voorkomen dat de schimmel zich verplaatst van de ene naar de andere plek, via schoenzolen, schepnetten of emmers. Bovendien is het verstandig om kleding en “veldmaterialen” te ontsmetten.
Het verplaatsen van dieren is sowieso geen goed idee en wie op een zieke of dode salamander stuit, wordt gevraagd dit te melden bij Ravon. Zo kan de verspreiding van de schimmel beter in kaart worden gebracht.












