Activisten ‘begraven’ fossiele brandstoffen op de klimaattop in Brazilië, afgelopen november

NOS Nieuws

Terwijl de brandstofprijzen het wereldnieuws domineren door de oorlog in het Midden-Oosten, gaan ruim vijftig landen vanaf vandaag in Colombia met elkaar in gesprek over hoe ze kunnen stoppen met fossiele brandstoffen. De conferentie wordt mede georganiseerd door grootverbruiker en -exporteur Nederland, wat bij de aankondiging in november leidde tot zowel verbazing als enthousiasme.

Het is ook best een uitzonderlijke bijeenkomst. Bij de Conference of the Parties (COP), de grote jaarlijkse klimaattop waarvoor heel de wereld afreist, is het in dertig jaar tijd één keer gelukt om een zinsnede over “een transitie weg van fossiele brandstoffen en energiesystemen” in een slotverklaring te krijgen. Dat gebeurde in 2023, op de top in Dubai, maar in de jaren erna liepen pogingen om daar gevolg aan te geven steeds vast.

Uit frustratie daarover is nu deze zesdaagse conferentie geboren. Met name landen die fossiele brandstoffen maken houden bij de VN-toppen het uitfaseren daarvan tegen. Daarom wil men nu buiten de gebaande paden gaan. De hoop is een coalition of the willing te smeden die wil nadenken over hoe landen samen van de fossiele brandstoffen af kunnen komen.

Geen focus op slottekst

“Dat lijkt me een slimme zet”, zegt jurist Margaretha Wewerinke-Singh, die met haar collega’s van de Universiteit van Amsterdam een beleidsadvies schreef voor deelnemers aan de top. “Het is natuurlijk jammer dat het niet lukt om dit op mondiaal niveau te doen, maar landen met de politieke wil – de groep die nu komt – kunnen zelf ook al veel doen. Die hoeven niet te wachten tot de hele wereld er klaar voor is.”

Bij de VN-klimaattoppen ligt de focus altijd sterk op de slottekst, legt Wewerinke-Singh uit. “Dagenlang wordt dan onderhandeld, tot diep in de nacht, soms over één woord. Maar nu, als er geen uit-onderhandelde slotverklaring hoeft te liggen, kun je het met elkaar hebben over wat er moet gebeuren en wat de grootste obstakels zijn.”

De opkomst vergeleken met de jaarlijkse VN-klimaattop is niet heel groot. Ruim vijftig landen doen mee, vergeleken met de gebruikelijke 198. Grootuitstoters en fossielproducenten China, India, Saudi-Arabië en de VS ontbreken, maar andere grootmachten zoals Australië, Canada, Noorwegen en Brazilië doen wel mee. De aanwezigen zouden goed zijn voor ongeveer een vijfde van de wereldwijde productie; een fors aandeel, maar lang niet alles.

Dat niet alle landen er zijn, staat een succes niet in de weg, benadrukt onder meer Nederland vooraf. Het is geen VN-top, er wordt niet onderhandeld, er hoeft geen akkoord te komen. Nederland ziet het vooral als een eerste open gesprek tussen bereidwillige partners. Een soort loket waar kennis wordt uitgewisseld, en waar op termijn wellicht successen uit voortvloeien.

“Het is echt een eerste stap”, zegt klimaatdeskundige Leo Meyer, die jarenlang onderhandelde voor de Nederlandse delegatie op de VN-klimaattoppen. “Zelfs als de aanwezigen goed waren geweest voor maar 10 procent van de totale CO2-uitstoot, dan nog is dat een significant signaal. Je moet niet te hoge verwachtingen scheppen. Dit is een duwtje, maar dat kan uitgroeien tot een duw waar ook de grote toppen niet omheen kunnen.”

De huidige energieproblematiek onderstreept volgens Meyer ook het nut van het uitfaseren van fossiele brandstoffen. “Maar we zitten natuurlijk wel in een spagaat met de brandstoftekorten die eraan zitten te komen. Er zijn ook nog steeds plannen om aardgasvelden op de Noordzee te exploreren. Dat maakt het voor Nederland wel lastig om veel geweldige beloftes te presenteren.”

Share.
Exit mobile version