NOS Nieuws•
“Het is dramatisch”, verzucht Gijs van Nifterik (67) in het huis in het Zuid-Franse dorpje Fourques waar hij gisteravond laat halsoverkop naartoe is gevlucht. Een paar uur daarvoor, rond een uur of zes, kreeg hij een belletje van de burgemeester: hij moest zijn kleinschalige natuurcamping Al Comu onmiddellijk ontruimen. De bosbranden waren te dichtbij gekomen.
Voor Van Nifterik zat er niets anders op dan zijn gasten te vertellen dat de boel moest worden ingepakt. Als een totale verrassing kwam het voor hen niet, zegt de campingeigenaar. Het departement Pyrénées-Orientales wordt voor de tweede keer deze week geteisterd door een enorme bosbrand die inmiddels ruim 4500 hectare beslaat.
‘Het was surrealistisch’
Ruim tienduizend mensen moesten daarom geëvacueerd worden, onder wie Van Nifterik en zijn gasten. Dat zijn er een stuk of tien, zegt hij. “Iedereen was heel begripvol. Het vuur was de camping tot op twintig kilometer genaderd. We konden de rook zien én ruiken. Dan willen mensen wel vertrekken hoor. Binnen een paar uur was iedereen weg.”
Zelf verliet Van Nifterik als laatste zijn camping, met het gevoel dat hij een kapitein was die een zinkend schip verliet. De toegangspoort van de camping liet hij openstaan, zodat de brandweer snel het terrein op kan. “Dat was heel raar. Daarna zag ik het hele dorp naar het noorden rijden. De weg was vol met auto’s. Het was surrealistisch.”
Van Nifterik is een oude rot in het vak. De camping die hij al twintig jaar bestiert ligt een half uurtje rijden ten zuiden van Perpignan, midden in het departement Pyrénées-Orientales. Daar zijn vaker bosbranden, zegt hij. Zowel in de zomer- als in de wintermaanden. “We zijn dus wel wat gewend. Ook in de winter staat er vaak wel een hectaretje in brand. Maar dit is natuurlijk van een totaal andere orde.”
Het zuiden van Frankrijk kampt sinds vorige week met tientallen natuurbranden, een gevolg van een bijzonder warme en droge maand juni. Dat het natuurbrandenseizoen nu al zo heftig is, vinden de Franse autoriteiten verontrustend. Minister van Binnenlandse Zaken Laurent Nuñez schreef vrijdag dat Frankrijk wat natuurbranden betreft een maand voor op schema loopt.
De vrees is dat de branden verder worden aangewakkerd door de harde wind in de regio rondom Perpignan, gecombineerd met extreme hitte. Het is een zorg die ook bij Van Nifterik leeft. “Ik heb grote twijfels of ik dit seizoen überhaupt nog terug kan naar mijn camping. De brand is nu al zo groot, het is pas begin juli en er staat een stevige wind. De voortekenen zijn niet gunstig.”
Hoogrisicogebied
Het zou een abrupt einde zijn van zijn tijd op Al Comu, een camping zonder animatie, zonder zwembad of ander gedoe, en met als slogan: ‘Bij ons gebeurt niets’. Na dit seizoen gaat Van Nifterik met pensioen, zegt hij. Daar komt bij dat zijn camping in een streek ligt die onder ‘code rouge’ valt, wat betekent dat het wordt gezien als een hoogrisicogebied voor natuurbranden.
Al Comu wordt nu nog door de lokale autoriteiten gedoogd, maar wanneer Van Nifterik stopt, of wanneer de camping afbrandt, komt deze niet meer terug. “Dat het nu op zo’n manier tot een einde zou komen is treurig. Dat had ik zelf ook liever anders gezien. Maar tegen deze branden is niet veel te doen. Maar goed, je kan je afvragen wie hier dit seizoen na deze branden nog op vakantie wil.”
‘Mijn leven is hier’
Zelf blijft hij na zijn pensionering gewoon in het dorpje Fourques wonen, zegt Van Nifterik. “Mijn twee kinderen, een zoon en een dochter, zijn hier geboren en getogen. Mijn leven is hier. Je ziet nu ook een enorme solidariteit onder de dorpsbewoners. Iedereen helpt elkaar, dat is mooi om te zien, hoe dramatisch alles ook is.” Als hij uit het raam van zijn toevluchtshuis kijkt, ziet hij nog altijd enorme rookvorming.
Stiekem hoopt hij dat de burgemeester hem snel belt met goed nieuws, dat hij terug kan naar zijn camping en zijn woonhuis daar. “Maar het is afwachten wat komen gaat.”











