NOS Nieuws•
Hij moest en hij zou open, anders zou de Amerikaanse president Trump Iran “terug naar het stenen tijdperk bombarderen”. Maar vandaag is op dag twee van het staakt-het-vuren één ding duidelijk: de Straat van Hormuz is nog altijd zo goed als gesloten. Aanwijzingen dat er een vrije doorvaart is, zijn er niet.
Gisteren voer nog geen handvol vaartuigen door de voor de wereldwijde olie- en gasmarkt belangrijke zeestraat bij Iran, zo registreerde de datawebsite MarineTraffic. Dat waren er zes minder dan de dag vóór het staakt-het-vuren. Een akkoord dat alleen kon worden gesloten bij heropening van de zeestraat, zo hamerde Trump tijdens de paasdagen.
“Praktisch geen enkele verandering”, vat analist Naveen Das van MarineTraffic de situatie samen. “Er varen wel wat schepen, maar vooral vrachtschepen naar Iran zelf. Plus wat tankers naar India en Maleisië, als bevriende landen van Iran. Maar zo’n 820 commerciële schepen zitten nog altijd gevangen in de Perzische Golf.”
Onder die schepen zijn er zes van rederij Hapag-Lloyd. Aan boord bevinden zich 150 bemanningsleden en 40.000 containers. Dat alles voor 60 miljoen dollar aan kosten per week, rekent woordvoerder Nils Haupt voor.
Hij rekent er niet op dat de vaartuigen op korte termijn wegkunnen. “Gisterochtend waren we optimistisch, maar dat optimisme is vannacht weer verdwenen”, laat hij weten. “Onze schepen liggen gewoon voor anker in de Perzische Golf. We bewegen ze alleen nu en dan om de motoren te testen.”
Het snel teruggekeerde pessimisme komt door alle tegenstrijdige berichten van Iran en de Verenigde Staten over de Straat van Hormuz. “En het antwoord op de belangrijkste vraag: is de doortocht veilig voor onze schepen?”, zegt Haupt. “Wij hebben 150 mensen aan boord van onze schepen. Wij zijn voor hun veiligheid verantwoordelijk. Dus we gaan pas door de Straat van Hormuz als het absoluut veilig is. En zeker niet als eerste.”
Tol
Hoewel president Trump blijft beweren dat hij een vrije doorgang door de Straat van Hormuz heeft geregeld, eist Iran een vergoeding van 1 dollar per vat ruwe olie voor elke tanker. Dat zou moeten worden betaald in Chinese yen of in cryptomunten.
Een woordvoerder van de Europese Commissie noemde het vandaag “kristalhelder” dat dit in strijd is met het internationale recht van vrije doorgang op zee: “Dat betekent dat er geen tol of iets anders kan worden geheven en dat een vrije doorgang moet worden gegarandeerd.”
Das van MarineTraffic noemt tolheffing in de Straat van Hormuz hoe dan ook een waanidee. “Panama vraagt tol voor doorgang in het Panamakanaal. Dat gaat op basis van het type en de omvang van vracht. Hoe Iran dit systeem praktisch zou moeten optuigen voor een open zeestraat is me een raadsel.”
Daarnaast lijkt het politiek een onhaalbare kaart, meent Das: “Alle landen rond de Perzische Golf zouden dan in essentie de sleutels van deze zeestraat aan Iran overhandigen. En daarmee een groot deel van hun inkomsten.”
Geen doorgang
In de Verenigde Arabische Emiraten is de verontwaardiging over de deal van Trump groot. “Dit is geen vrijheid van scheepvaart. Dit is dwang”, schreef Sultan Al Jaber, het hoofd van staatsoliebedrijf Abu Dhabi National Oil Company, op LinkedIn. “Voorwaardelijke doorgang is geen doorgang. Het is controle onder een andere naam.”
Hapag-Lloyd heeft vooralsnog niets gehoord over het betalen van tol om door de Straat van Hormuz te mogen varen. “Het zijn tot nu toe alleen geruchten en wat wij lezen in de media”, zegt Haupt.
Dat meldt ook de Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders (KVNR). De organisatie laat weten dat het “nog altijd niet duidelijk is wat de voorwaarden zijn waaronder schepen weer door de Straat van Hormuz zouden kunnen varen”. Sterker, volgens de KVNR lijkt het er zelfs op dat Iran de zeestraat opnieuw heeft gesloten.
Of Hapag-Lloyd gaat betalen als Iran die tol daadwerkelijk vraagt, weet Haupt niet: “Ten eerste betaal je voor het vrijlaten van schepen die nu vastzitten in de Perzische Golf. Daarover kun je nog discussiëren. Maar ten tweede: moet je straks in vredestijd ook nog gaan betalen? Dat is juridisch niet houdbaar. En het zou catastrofaal zijn voor de scheepvaartindustrie, voor onze klanten en uiteindelijk voor de consument.”

