NOS Nieuws

De Surinaamse gemeenschap in Nederland heeft een speciale dankbaarheidsonderscheiding uitgereikt aan Ilse Baal (94) uit Alkmaar. De voormalige kleuterjuf krijgt de Grantangi Award voor haar vrijwilligerswerk, maar vooral omdat ze ervoor heeft gezorgd dat Ketikoti ook jaarlijks in Alkmaar wordt gevierd.

Het is belangrijk dat de afschaffing van de slavernij niet alleen landelijk in Amsterdam, maar ook lokaal wordt herdacht en gevierd, vindt Baal. “Dat reizen wilde ik niet meer. Daarom heb ik in het wijkcentrum gevraagd of we het hier in Alkmaar konden organiseren”, vertelt ze bij NH Nieuws(opent in nieuw venster). En dat lukte.

Vier jaar geleden kwam een clubje van twintig mensen voor het eerst bijeen in het wijkcentrum om Ketikoti te vieren, nu heeft Alkmaar een groot jaarlijks festival dat door de gemeente wordt georganiseerd.

Voor Ilse Baal is Keti Koti levende geschiedenis. “Mijn oma van mijn moeders kant was de laatste tot slaafgemaakte in mijn familie. Ik ben dankbaar dat ik die ontberingen niet heb meegemaakt”, zegt ze.

Plantage Alkmaar

Baal woont al 44 jaar in Alkmaar, maar ze werd in Paramaribo geboren. “Alkmaar kende ik al uit Suriname. Ik heb daar nog als kleuterjuf op Plantage Alkmaar’ gewerkt”, vertelt ze. Die plantage werd in 1745 opgericht door een landmeter die uit Alkmaar kwam. Nu is het een ‘gewoon’ dorp met zo’n 5.000 inwoners in het Surinaamse district Commewijne.

Het gaat vooral om de kinderen die nu opgroeien, dat zij elkaar begrijpen. Dan denk ik dat ze veel verder komen dan dat je blijft hangen bij wat onsmakelijk was in het verleden.

Ilse Baal, inwoonster van Alkmaar

Toen Suriname onafhankelijk werd, verhuisde Baal naar Nederland., haar kinderen achterna. Naast haar werk als kleuterjuf ging ze in Alkmaar ook vrijwilligerswerk doen in een wijkcentrum. Ruim twintig jaar geleden zette ze een seniorenclub op die activiteiten organiseert: van gezellige middagen tot busreisjes.

Ze was al op leeftijd toen ze Ketikoti naar Alkmaar wist te halen. “Ik ben er niet meer elke keer bij”, zegt Baal. “Afgelopen zondag was ik er heel even. Ik ben slecht ter been, dus het is best wel vermoeiend.”

Alkmaar erkent rol

De viering van afgelopen weekend was de eerste nadat de gemeente Alkmaar vorige maand officieel “de rol van het historische stadsbestuur en haar inwoners in het kolonialisme” had erkend.

Voor de goede verstaander: Alkmaar erkent dus wel, maar biedt geen excuses aan. Baal velt daar geen hard oordeel over. “We moeten niet te lang bij het verleden stilstaan en naar de toekomst kijken”, zegt ze. “Het gaat vooral om de kinderen die nu opgroeien, dat zij elkaar liefhebben, dat zij elkaar begrijpen. Dan denk ik dat ze veel verder komen dan dat je blijft hangen bij wat onsmakelijk was in het verleden.”

Share.
Exit mobile version