Een handelaar op de Amerikaanse beurs

NOS Nieuws

De afgelopen jaren stegen de beurzen naar recordhoogten door de grote verwachtingen rond kunstmatige intelligentie (AI), maar sinds de jaarwisseling dalen de aandelen van verschillende technologiebedrijven, juist door de vrees voor AI.

In de Verenigde Staten ging de koers van bijvoorbeeld softwaregigant Microsoft dit jaar met ruim 15 procent omlaag. In Nederland verloren databedrijven als Wolters Kluwer en RELX (het voormalige Reed Elsevier) respectievelijk 30 en 20 procent van hun beurswaarde. Bij uitzendbureau Randstad en muziekuitgever Universal Music gaat het om 15 procent.

“Bijna alles wat met software en data te maken heeft, wordt hard afgestraft”, constateert Bob Homan, hoofd Investment Office van ING. “Men is bang door AI minder abonnementen te verkopen of dat AI een groot deel van de taken overneemt.”

Worstcase-scenario

In de praktijk valt het Homan op dat er op de beurs een tweedeling ontstaat bij de technologiebedrijven: “Je ziet chipfabrikanten die het goed blijven doen, soms 40 tot 60 procent hoger staan. Aan de randen zie je bedrijven waarvan beleggers denken: wat zij doen, dat kan straks door AI worden overgenomen.”

Dat werd deze week nog eens versterkt door een toekomstbeeld dat twee medewerkers van het Amerikaanse onderzoeksbureau Citrini Research schetsten. Zij bedachten hoe AI in twee jaar tijd in een worstcase-scenario economisch kon uitpakken voor gewone bedrijven. Die zouden op de fles gaan, terwijl AI-bedrijven schatrijk werden.

Niet slimmer willen zijn

Martijn Rozemuller van vermogensbeheerder VanEck noemt de dalende koersen een klassiek voorbeeld van waarom je niet moet proberen om de beurs te voorspellen: “Beleggers kunnen nu eenmaal overdrijven, zowel omhoog als omlaag. Dit pleit maar weer eens voor gespreid beleggen: je moet nooit proberen slimmer te zijn dan de rest door je te concentreren op één sector of type bedrijf.”

Eigenlijk moet je zo min mogelijk naar de beurs kijken. Leer jezelf een beetje discipline aan. Als het om geld gaat, is emotie een slechte raadgever.

Martijn Rozemuller, vermogensbeheerder

Homan en Rozemuller begrijpen de zorgen over de impact van AI wel. “De afgelopen dertig, veertig jaar zijn tal van bedrijven door technologische ontwikkelingen minder waard geworden of verdwenen. Neem fotorolletjesproducent Kodak”, zegt Rozemuller.

“Daar komen ook nieuwe voor terug. In de jaren nul riepen sommige mensen nog: ‘Google met zijn zoekmachine wordt commercieel nooit wat’. Het is gewoon lastig om op de beurs de winnaars van de verliezers te onderscheiden. Wat je wel ziet, is dat de beurs als geheel op lange termijn altijd profiteert van technologische ontwikkelingen en economische groei.”

Waarmee Rozemuller maar wil zeggen: “Je moet je als belegger nooit laten leiden door de waan van de dag. Eigenlijk moet je zo min mogelijk naar de beurs kijken. Leer jezelf een beetje discipline aan om niet te veel uit emotie te handelen. Als het om geld gaat, is emotie een slechte raadgever.”

Verkoop-algoritmes

Vreemd genoeg worden de schokken op de beurs zoals nu met de AI-zorgen ook juist versterkt door algoritmes. Veel beleggers maken in beleggingsprogramma’s en apps gebruik van zogenoemde stop loss-orders. “Dat zijn ingestelde algoritmes om bepaalde aandelen te verkopen als de prijs onder een bepaald punt zakt”, legt Homan uit. “Als een aandeel even zakt, versterken die algoritmes de daling van een aandeel omlaag alleen maar meer. Gewoon gezond verstand blijft wel belangrijk.”

Dat vindt ook Rozemuller: “Beleggers hebben toegang tot steeds meer informatie. Tien, twintig jaar geleden haalden ze hun informatie nog uit de krant, nu wordt het ze via hun mobiele telefoon bijna opgedrongen. Daar maken beleggingsplatformen ook handig gebruik van. Ze sturen steeds signalen die beleggers aanzetten om iets te doen. Als mens ben je dan ook geneigd iets te doen met die informatie. Zo wordt een koers tegenwoordig versterkt.”

Verkopen bij paniek vloekt ook met de oude beurswijsheid: verkopen bij hoge koersen en kopen als die laag staan. “Ik zou niet inprogrammeren om te verkopen bij een dalende koers, maar juist bij te kopen”, zegt Rozemuller.

Homan wijst naar Wolters Kluwer als aandeel dat door de lage prijs juist interessant wordt om te kopen. “Die keren 4 procent dividend uit en kopen nog 3,5 procent aan eigen aandelen in. De totale winst als aandeelhouder is dan 7,5 procent. Dat is helemaal niet slecht bij een spaarrente van 1,5 procent.”

Share.
Exit mobile version