Xi Jinping en anderen tijdens het Chinese volkslied

NOS Nieuws

  • Laura van Megen

    correspondent China

  • Laura van Megen

    correspondent China

Het Chinese Volkscongres zit erop. Na een week lang klappen, opzitten en luisteren, hebben de afgevaardigden bijna unaniem ingestemd met de plannen van de overheid en de Communistische Partij.

Het belangrijkste document is het nieuwe Vijfjarenplan, waarin China’s sociaaleconomische richting tot 2030 is vastgelegd. Stemmingen in het autoritaire China zijn nooit spannend. Ditmaal kwam het totaal uit op 2758 stemmen voor, één tegen, twee onthoudingen en één niet-uitgebrachte stem.

Maar wat staat er precies in het plan en wat betekent dat voor de wereldhandel? Vier vragen en antwoorden.

Wat zijn de hoofdpunten?

Het plan begint met een beschrijving van een gevaarlijke buitenwereld door de lens van competitie tussen grootmachten, vooral China en Amerika. Daarom moet China onafhankelijker worden van andere landen in deze tijden van geopolitieke spanningen en handelsconflicten, maar verenigd zijn onder het leiderschap van de Communistische Partij.

Om dat te doen zet Peking dubbel zo hard in op technologie, innovatie en de industriële maakindustrie. Het is geen nieuwe strategie, maar eerder een uitbreiding van het huidige beleid om zoveel mogelijk zelf te kunnen en zo min mogelijk van het buitenland nodig te hebben.

De belangrijkste doelen en indicatoren zijn bijvoorbeeld het economische groeicijfer, het aantal te behalen patenten, investeringen in onderzoek en ontwikkeling (7 procent groei per jaar) of hoeveel energie China zelf moet kunnen opwekken.

In welke sectoren wil China vooral investeren?

Als je op één onderdeel moet letten in het nieuwe Vijfjarenplan? “Innovatie”, aldus afgevaardigde Lü Caixia uit de provincie Zhejiang. Het woord komt meer dan 160 keer voor in het document.

China wil investeren in de hele toeleveringsketen van innovatie, van fundamenteel onderzoek tot de latere toepassingsmogelijkheden. Bij de plannen voor de ontwikkeling van kunstmatige intelligentie (AI) zie je dat terug. Die technologie speelt een hoofdrol in het document en wordt meer dan vijftig keer genoemd. AI moet worden toegepast in fabrieken, academisch onderzoek, maar ook in consumptiegoederen, zoals mobiele telefoons en robots, en in het onderwijs.

Andere technologieën en sectoren die bij naam worden genoemd zijn bijvoorbeeld kwantum- en biotechnologie, “nieuwe energie” (groen, maar ook kernenergie), 6G-netwerken en de commerciële luchtvaart.

Wat gaat Peking doen voor de kwakkelende economie?

Peking blijft proberen met een paar sterke sectoren de economie uit het slop te trekken. Maar het erkent ook dat de binnenlandse consumptie te laag is en dat het besteedbaar inkomen van mensen omhoog moet. Daarom schrijft het plan ook meer sociale zekerheid voor, al blijft het beperkt.

Een Chinees beleidsdocument is doorgaans niet kritisch. Toch valt te lezen dat de economische groei ongelijk verdeeld is, waardoor er nog veel arme en onderontwikkelde regio’s zijn. Ook worden werkgelegenheid, lage inkomens, de problematische vastgoedsector en schulden bij lokale overheden als “gebieden met risico’s en verborgen gevaren” beschreven.

Toch lijkt het Chinese beleidsmakers niet te lukken om echt in te zetten op sociale zekerheid, ondanks oproepen in de samenleving om dit wel te doen. Zonder grote investeringen in pensioenen, zorg en kinderopvang, zullen Chinezen niet meer gaan uitgeven, waarschuwen experts.

Wat betekenen de plannen voor China’s al enorme handelsoverschot?

Dat China hard wil gaan inzetten op de industriële maakindustrie kan problematisch zijn voor andere landen. Als Chinese consumenten zelf de producten niet gaan kopen, zal China’s enorme handelsoverschot alleen maar groeien.

Maar steeds meer landen werpen barrières op om hun industrieën te beschermen. Voor Chinese bedrijven zijn het noodzakelijke afzetmarkten, omdat ze hun spullen in eigen land niet kwijtraken.

China ziet de industriële maakindustrie als onderdeel van de nationale kracht en als noodzakelijk om onafhankelijk te worden van andere landen. Maar de extreme concurrentie in het binnenland baart China ook zorgen dat de bedrijven elkaar kapot concurreren. Al worden daarvoor nauwelijks oplossingen aangedragen in het nieuwe Vijfjarenplan.

Share.
Exit mobile version