Een Iraans gezin wandelt in de buurt van het Mellat Park in Teheran

NOS Nieuws

  • Sarah Noyon

    redacteur Buitenland

  • Sarah Noyon

    redacteur Buitenland

In de Iraanse hoofdstad Teheran is het leven sinds het begin van de oorlog ingrijpend veranderd. Mensen zijn bang voor de Amerikaans-Israëlisch luchtaanvallen, maar ook voor de controles bij de checkpoints van de Revolutionaire Garde, verspreid over de stad. Tegelijkertijd proberen inwoners hun leven zo normaal mogelijk voort te zetten.

In het land zijn drie miljoen mensen op de vlucht geslagen voor het oorlogsgeweld, bleek vorige maand uit cijfers van de VN. Tienduizenden inwoners van Teheran zijn vertrokken. De NOS sprak Iraniërs die besloten om vanwege de bombardementen hun huis te verlaten.

Eerst was ik vrij zeker dat ze geen burgers zouden aanvallen, maar daar geloof ik niet meer in.

Fotografe uit Teheran

“We hebben de bombardementen tot gisteren doorstaan”, zegt een fotografe van rond de 50 die besloot Teheran te verlaten. Ze hoopte dat het geweld minder zou worden. “Tot nu toe was ik niet bang, maar het werd elke nacht erger. Gisteravond trilde het hele huis. Eerst was ik vrij zeker dat ze geen burgers zouden aanvallen, maar daar geloof ik niet meer in.”

Scène uit een film

“Veel gebouwen stortten in. Het leek wel een scène uit een film”, vertelt een 50-jarige technicus uit de hoofdstad. Hij wilde zelf niet vluchten, maar zijn familie drong erop aan om naar het noorden te komen, waar zij verblijven.

“Vrienden van mijn zus en familieleden zijn er ook. We verblijven met ongeveer twintig mensen in één huis.” In de avonden doen ze samen een drankje of spelen spelletjes, vertelt hij. “Het samenzijn leidt me af van de ellende”.

Volgens Yaghoub Sharhani, journalist voor de Groene Amsterdammer en Iran-specialist, is familie een belangrijke reden voor Iraniërs om te vertrekken. Veel mensen trekken naar de kust van de Kaspische Zee, waar rond deze tijd veel Iraniërs zijn voor het Iraanse Nieuwjaar. Ook daarom zijn nu veel mensen de stad uit. Sharhani vraagt zich af of het hen lukt om terug te keren nu veel wegen kapot zijn.

Sharhani zegt dat vooralsnog relatief weinig mensen vertrekken uit Teheran. “De 600.000 tot een miljoen gevluchte huishoudens die de VN aanhaalt, is een relatief kleine groep als je kijkt naar de 93 miljoen inwoners die het land heeft.”

Ook is er een grote groep die na korte tijd weer terugkeert naar de stad. Een muzikant die met zijn gezin vertrok, kwam na twee weken weer terug om te werken. “Ik heb mijn vrouw en mijn ouders daar achtergelaten. Ik wil mijn baan niet kwijtraken. Na dit alles zou ik weleens blut kunnen eindigen.”

Bij terugkomst trof de muzikant zijn stad totaal anders aan dan toen hij vertrok. “Sommige gebouwen zijn helemaal weggevaagd. Het voelt als een andere buurt. Sommige buren zijn er nog, maar het is veel rustiger.” De lokale winkelier was blij om hem te zien. “Hij zei dat ze de winkel moeten openhouden. Ze hebben de omzet nodig.”

Kosten geven de doorslag

De financiële situatie bepaalt voor veel mensen of ze wel of niet kunnen vluchten, zegt ook Sharhani. Naast de zorgen over inkomsten zijn ook het vervoer de stad uit en een tijdelijk verblijf voor veel Iraniërs te duur.

Ik wilde gewoon naar huis. Dit kan nog wel even duren, maar we bekijken het van dag tot dag.

Ondernemer uit Teheran

Een ondernemer die de NOS sprak, keerde na vier dagen weer terug naar Teheran. “Het was veel te druk in het noorden en we misten privacy. Het was niet te doen.” De angst voor het geweld in Teheran hield hem niet tegen. “Ik wilde gewoon naar huis. Dit kan nog wel even duren, maar we bekijken het van dag tot dag.” Hij gaat ervan uit dat het in zijn straat veilig blijft.

Belangrijke figuren doelwit

Hoewel er burgerslachtoffers vallen, heerst volgens Sharhani bij veel Iraniërs het idee dat de VS en Israël alleen militaire doelen aanvallen. “Mensen keren terug zodra het ergste geweld in hun wijk lijkt te zijn geweken”, zegt de journalist. “Maar als er meer niet-militaire infrastructuur wordt aangevallen, kan dat ertoe leiden dat veel mensen vluchten.”

Duidelijk is dat ook in woonwijken bombardementen worden uitgevoerd, zoals op tientallen politiebureaus en op appartementencomplexen waar belangrijke figuren van het Iraanse regime zich schuilhouden. Sinds het begin van de oorlog zijn er ten minste 1598 burgerdoden gevallen, blijkt uit cijfers van mensenrechtenorganisatie HRANA.

“Wie weet wie er in de volgende straat woont of welk appartement er voor iets anders wordt gebruikt”, zegt een vrouwelijke docente. Toch vlucht ze niet. “Ik ga niet weg uit Teheran. Iedereen om ons heen is naar het noorden vertrokken, maar ik wil blijven.”

Share.
Exit mobile version