NOS Nieuws•
De VS heeft een onderzoek aangekondigd waarin wordt bekeken of tientallen handelspartners genoeg doen om onder meer dwangarbeid te voorkomen. Het past in de zoektocht van het land naar een nieuwe manier om landen invoerheffingen op te leggen.
Het gaat in totaal om zestig landen en handelspartners, waaronder de Europese Unie en China. Het onderzoek volgt op het besluit van het Amerikaanse Hooggerechtshof om een streep te zetten door de importheffingen die de Amerikaanse president Trump had opgelegd aan tientallen landen.
Die heffingen had Trump vorig jaar aangekondigd en verschilden per land. Zo kregen landen tussen de 10 en 50 procent invoerheffingen opgelegd. Deze importtarieven waren volgens het Hooggerechtshof onwettig omdat Trump het recht niet had om de wet die hij inzette daarvoor te gebruiken. Hij maakte gebruik van de International Emergency Economic Powers Act (IEEPA), een oude noodwet.
‘Oneerlijke buitenlandse praktijken’
Kort na het vonnis van het Hooggerechtshof besloot Trump om 10 procent importheffingen op te leggen aan de landen. Deze maatregel was bedoeld ter vervanging van de eerdere heffingen en is maximaal 150 dagen geldig. Ook mogen deze heffingen maar maximaal 15 procent zijn. De heffingen moeten ertoe leiden dat Amerikanen vooral producten kopen die in de VS zelf worden gemaakt.
Om het nieuwe aangekondigde onderzoek uit te voeren maakt de regering van de VS gebruik van artikel 301 uit de Amerikaanse handelswet. Die kan worden gebruikt om “oneerlijke buitenlandse praktijken aan te pakken die de Amerikaanse handel beïnvloeden” is te lezen in een persbericht van het handelsministerie. Deze wet is al eerder gebruikt voor onderzoeken die leidden tot het opleggen van invoerheffingen aan China en de EU.
Met het wetsartikel kan de Amerikaanse overheid reageren op “onrechtvaardige, onredelijke of discriminerende praktijken van buitenlandse overheden.” Zoals dus bijvoorbeeld dwangarbeid. Daarmee zou de VS dus ook importheffingen kunnen opleggen aan landen die zich schuldig maken aan dat soort “oneerlijke buitenlandse praktijken”.

