NOS Nieuws
Het aantal bedrijven en organisaties dat wacht op een aansluiting om (meer) stroom te gebruiken is verder toegenomen. Inmiddels gaat het om bijna 15.500 wachtenden. Een toename van ruim 300 in het eerste halfjaar.
Dat blijkt uit cijfers van Netbeheer Nederland, de samenwerkingsorganisatie van netbeheerders, over het eerste halfjaar van 2026.
De problemen met het overvolle stroomnet leiden ertoe dat bedrijven investeringen en verduurzaming uitstellen. Ook lopen projecten vertraging op en kunnen ze zelfs sneuvelen. Het overvolle stroomnet veroorzaakt jaarlijks 10 tot 35 miljard euro aan schade voor de economie, raamde de Boston Consultancy Group in 2024 in een rapport(opent in nieuw venster), al is het lastig de impact exact te bepalen.
Toch zien de netbeheerders ook hoopvolle signalen in de nieuwe cijfers. Zo lijkt de groei van de wachtlijst voor stroomgebruikers af te vlakken. “Sterker nog, we zien in bepaalde regio’s al een eerste daling van de wachtlijst”, zegt Hans-Peter Oskam, algemeen directeur van Netbeheer Nederland.
Dat geldt niet voor de provincie Utrecht waar de problemen zich nog altijd uitbreiden. Vanaf 1 juli gold in een deel van de provincie al een volledige aansluitstop. Inmiddels zitten ook de regio’s rond Amersfoort en food valley voorlopig op slot. De provincie en netbeheerders werken aan maatregelen die het mogelijk moeten maken vanaf 2028 weer projecten met prioriteit aan te sluiten.
Eerder maakten we deze uitlegvideo over het probleem met het stroomnet:
Niet alle wachtlijsten groeiden in de eerste helft van 2026. Zo neemt het aantal wachtende bedrijven dat stroom wil leveren aan het net flink af. Het gaat daarbij onder meer om zonne- en windparken. Al vragen zij, alles bij elkaar opgeteld, wel nog steeds meer ruimte op het stroomnet.
De grootste stroomproducenten en gebruikers hebben een aparte wachtlijst. Ook die nam licht af. Al komt dat deels doordat de wachtlijst is opgeschoond om alleen kansrijke aanvragen over te houden.
Uit de cijfers blijkt dat steeds meer bedrijven een contract afsluiten waarbij ze niet meer de hele dag recht hebben op stroom. Soms spreken zij af op vaste momenten van de dag hun aansluiting (deels) niet te gebruiken. Daar staat een korting tegenover. Een andere optie is dat netbeheerders bij verwachte drukte een dag van tevoren aangeven dat er op bepaalde momenten geen ruimte is op het net.
De netbeheerders blijken die mogelijkheid ook steeds vaker te gebruiken. In de eerste helft van 2026 gebeurde het al net zo vaak als in 2025 dat bedrijven daadwerkelijk te maken kregen met beperkingen.
Een van de bedrijven die een ‘flexibel’ contract afsloten is Afezo B.V, een Amsterdams familiebedrijf dat water- en rioolleidingen aanlegt. Zij stappen steeds meer over op elektrische (graaf)machines en bedrijfsauto’s. Daarom willen zij hun laadplein uitbreiden.
Omdat er geen ruimte op het stroomnet was voor een normale aansluiting, sloten ze uiteindelijk een flexibel contract met Liander. Ze verwachten dat dit geen probleem gaat opleveren. De machines en bussen kunnen ’s nachts worden opgeladen en de grootste drukte op het stroomnet is meestal in de ochtend en aan het einde van de middag. Al moet de praktijk het nog uitwijzen.
De netbeheerders zijn hoopvol over deze ontwikkeling. “We zien dat flexibel gebruik van het elektriciteitsnet steeds normaler wordt voor bedrijven”, zegt Oskam. “Dat levert extra ruimte op.”
Voor het oplossen van de problemen moet ook het stroomnet flink worden uitgebreid. De netbeheerders investeren jaarlijks miljarden euro’s, maar ze vinden dat de bouw nog niet snel genoeg gaat. “We zien bij de uitbouw van het elektriciteitsnet dat de versnelling nog niet zichtbaar is”, zegt Oskam.
In de eerste helft van 2025 bleek het vooral lastig zogenoemde middenspanningsstations te bouwen. Dit zijn de schakels tussen het hoogspanningsnet en de kabels die daadwerkelijk stroom leveren aan huizen en bedrijven.
Deze stations zijn relatief groot, circa 12 bij 4 meter, maar ze moeten wel dichtbij de stroomgebruikers worden gebouwd. In de praktijk blijkt het lastig genoeg ruimte te vinden om ze te bouwen, zeggen de netbeheerders. Verder verschilt sterk van gemeente tot gemeente hoe snel het lukt om een vergunning te krijgen. Ook de beschikbaarheid van personeel blijft een aandachtspunt.

