NOS Nieuws

De Amsterdamse wethouder Melanie van der Horst (D66) wist voor de gemeenteraadsverkiezingen af van de veel hogere kosten voor de geplande Oostbrug over het IJ. Ze deelde die informatie voor de verkiezingen niet met de raad, blijkt uit documenten die in handen zijn van AT5(opent in nieuw venster).

Dat de fiets- en voetgangersbrug duurder uit zou vallen dan de eerder geplande 325 miljoen, was algemeen bekend, maar Van der Horst wist als de verantwoordelijke wethouder voor maart 2026 al dat de kosten zouden oplopen tot 650 tot 850 miljoen euro. Ze nam lagere en achterhaalde bedragen mee in officiële documenten, schrijft de stadsomroep op basis van de stukken. De omroep vroeg de stukken op na een beroep op de Wet open overheid (Woo).

Intern kregen ambtenaren de definitieve raming rond 2 december in hun mailbox. Uit appverkeer blijkt dat zij daarvan schrokken. “Het valt niet mee”, appte een ambtenaar, die de bedragen graag in kleine kring wilde houden. “Verder dan met deze mensen delen we hem dan voor nu nog even niet”, appt de ambtenaar.

Voor onderhandelingen

Ambtenaren gaven de wethouder de keuze om de hernieuwde cijfers “voor of na de verkiezingen” openbaar te maken. Ook maakten ambtenaren duidelijk dat de nieuwe cijfers zeker voor de coalitieonderhandelingen gedeeld moesten worden. Anders kon er geen extra geld gereserveerd worden voor de brug.

Tijdens een overleg op 12 februari werd besloten om de oude, lagere bedragen te hanteren in de officiële investeringsnota. Volgens de politiek verslaggever van AT5 hadden partijen in Amsterdam juist campagne kunnen voeren op dit thema, maar moesten ze dat dus doen met onvolledige informatie. Volgens AT5 zouden debatten er “heel anders” hebben uitgezien.

Acht dagen voor de gemeenteraadsverkiezingen kreeg Van der Horst nog een presentatie met uitleg over de opbouw van de mogelijke bedragen (650 en 850 miljoen euro). Van der Horst was in die periode ook lijsttrekker van D66.

Uiteindelijk kwamen de nieuwe beramingen begin juni pas naar buiten. De gemeente en de Vervoerregio zouden op basis van de oude berekeningen elk circa 165 miljoen euro inleggen. De gemeente maakt honderd miljoen extra vrij. Het is nog de vraag of de Vervoerregio ook extra geld reserveert als de kosten oplopen tot 850 miljoen euro.

De nieuwe wethouder Verkeer en Vervoer Elise Moeskops (D66) is hierover in gesprek met de Vervoerregio. Van der Horst wil zelf niet reageren en verwijst naar Moeskops. Die benadrukt vooral dat de kosten “nog kunnen veranderen” en dat de raming niet definitief was.

Bijna alle oppositiepartijen hebben verontwaardigd gereageerd(opent in nieuw venster) op het nieuws en een spoeddebat aangevraagd. Zeven partijen (Partij voor de Dieren, Volt, Ja21, Denk, Bij1, CDA en SP) hebben een gezamenlijke verklaring naar buiten gebracht waarin ze laten weten geschokt te zijn, maar nog geen definitieve conclusies te trekken. “De oppositie vindt dit schokkend omdat dit zeer schadelijk is voor het vertrouwen in het stadsbestuur en het functioneren van de raad”, schrijven ze bij het verzoek om het debat. “Daarna trekken wij onze conclusies en bepalen wij het vervolg.”

Share.
Exit mobile version