NOS Nieuws•
De invloedrijke econoom Alan Greenspan is vandaag op 100-jarige leeftijd overleden. Dat bevestigt zijn vrouw Andrea Mitchell aan NBC News, de Amerikaanse nieuwszender waar zij zelf voor werkt.
Greenspan was van 1987 tot 2006 voorzitter van de Federal Reserve (Fed), de Amerikaanse centrale bank. Met zijn heilig geloof in de vrijemarkteconomie hielp Greenspan de Amerikaanse economie verschillende zware crises door.
Maar de grootste crisis, die uit 2008, zag hij niet aankomen. Zijn beleid met als uitgangspunt dat de markt zichzelf met hulp van lage rentes kon corrigeren, was juist een grote mede-veroorzaker van de kredietcrisis.
De Fed lette lange tijd niet op hoe Amerikaanse banken bijna hypotheken uitdeelden aan mensen met een veel te kleine portemonnee. Ook greep de Fed niet in toen banken vervolgens talloze hypotheken van wanbetalers verpakten als pakketten goede leningen, om die door te verkopen aan andere banken, verzekeraars en pensioenfondsen.
Nadat de zeepbel uiteen was gespat, kwam een ontnuchterde Greenspan terug van zijn ideologie van een vrije markt die zichzelf kon reguleren. Er was toch strenger toezicht nodig.
Hoofdrekenende saxofonist
De carrière van Greenspan begon ver weg van de financiële wereld. Als tiener schreef hij zich in 1943 in bij het Juilliard-conservatorium in New York. Na een jaar ging hij klarinet en saxofoon spelen in de band van jazztrompetist Henry Jerome.
Greenspan verruilde in 1948 zijn muziekcarrière voor een studie economie aan de universiteit van New York, waar hij summa cum laude afstudeerde. “Het beste economische besluit dat ik ooit heb genomen”, zei hij daar later over.
Vers uit de studiebanken begon hij in 1953 in New York het financieel-economisch adviesbureau Townsend-Greenspan. In 1967 klopte Nixon bij hem aan voor economisch advies bij zijn verkiezingscampagne. Toen de Republikein in 1969 president werd, sloeg Greenspan het aanbod af om toe te treden tot zijn regering.
Wel bleef hij Nixon op persoonlijke titel van economisch advies voorzien. Pas nadat de president in 1974 het veld had moeten ruimen door het Watergate-schandaal, werd Greenspan officieel adviseur van Nixons opvolger Gerald Ford. Greenspan vreesde op dat moment dat de VS stuurloos zou raken.
Boeken van Ayn Rand
Greenspan hielp Ford met maatregelen om de hoge inflatie van 11 procent in drie jaar te halveren. De remedie: bezuinigen en de rente verlagen. Hiervoor liet Greenspan zich inspireren door de ideeën van de in Rusland geboren Amerikaanse schrijfster Ayn Rand.
In Rands boeken vecht het eenzame individu heldhaftig tegen de volgzame massa en een controlerende overheid. “Haar filosofie heeft me geleerd dat het kapitalisme niet alleen praktisch en efficiënt is, maar ook moreel verdedigbaar”, zei Greenspan daar later over.
Greenspan ging vervolgens doceren aan de universiteit van New York. In 1987 zag president Ronald Reagan in hem de juiste persoon om Paul Volcker op te volgen als voorzitter van de Fed. Greenspan had Reagan eerder al geadviseerd over het hervormen van de sociale zekerheid.
“Kleurloos en degelijk”, zo omschreef NRC de buiten de VS nog onbekende Greenspan. Hoewel hij op economisch gebied veel gemeen heeft met Volcker, kwam hij een stuk saaier over dan zijn sigaarrokende voorganger.
Toch bleek Greenspan uitstekend te passen in het Reaganisme van de jaren tachtig, met minder overheid en meer vrije markt.
Zwarte maandag
Maar de nieuwe Fed-baas zat er nog maar net of de beurzen stortten op Zwarte Maandag in. De economie bleef overeind doordat Greenspan zorgde dat banken via de Fed met lage rentes aan geld konden blijven komen en uitlenen. Daarmee bleef ook de dollar overeind.
Met diezelfde instelling leidde Greenspan de Amerikaanse economie ook door de financiële crisis die in 1997 Azië trof en na de terreuraanslagen op 11 september 2001 de VS.
Al in 1996 merkte Greenspan op dat de aandelenkoersen harder stegen dan de werkelijke waarde van met name technologiebedrijven. Hij sprak van “irrationele euforie” onder beleggers en voorspelde daarmee het knappen van de dot-com bubble (de internetzeepbel) in 2000.
Fout gemaakt
Maar waar Greenspan die crisis allang zag aankomen, miste hij de totale ontsporing van het wereldwijde financiële systeem in 2008. Mede door het soepele toezicht van de Fed waren banken too big to fail geworden: zij waren zó groot dat zij bij een faillissement de hele economie mee onderuit zouden trekken.
Greenspan was de eerste die zelf toegaf dat de vrije markt niet grenzeloos kan zijn: “Ik heb een fout gemaakt door aan te nemen dat het eigenbelang van bedrijven, met name banken, zo groot was dat zij het beste zelf in staat waren hun eigen aandeelhouders te beschermen”, zei hij naderhand in het Amerikaanse Congres.












