NOS Nieuws
Een akkoord over een nieuwe Europese begroting is nog altijd ver weg. De leiders van de 27 EU-landen deden gisteravond tijdens de Europese top in Brussel een poging om dichter bij elkaar te komen, maar zijn daar vooralsnog niet in geslaagd.
“We staan voor zeer moeilijke onderhandelingen”, zei de Duitse bondkanselier Merz voorafgaand aan de onderhandelingen. Eens in de zeven jaar moeten alle EU-landen een akkoord sluiten over een nieuwe begroting. Op dit moment overleggen ze over het EU-budget voor de periode van 2028 tot en met 2034. De onderhandelingen in aanloop naar zo’n deal gaan er altijd hard aan toe.
Rijkere landen zoals Nederland, Duitsland en Zweden dragen meer geld bij dan dat ze terugkrijgen vanuit de EU aan subsidies en fondsen. Deze landen, de nettobetalers, willen daarom dat de begroting niet te lijvig wordt, omdat dan de kosten oplopen. Duitsland is aanvoerder van deze club.
Daartegenover staat een groep van zeventien landen die graag een ruimere begroting ziet, omdat er dan meer geld beschikbaar is voor onder meer hun boeren en om achtergestelde regio’s te ontwikkelen. Deze groep staat onder leiding van Italië en Roemenië.
Inmiddels hebben er verschillende voorstellen voor een nieuwe begroting op tafel gelegen. De Europese Commissie trapte de discussie in juli af met een voorstel voor een begroting van een kleine 2000 miljard euro voor een periode van zeven jaar. Inmiddels spreken de landen, na hevig verzet van de nettobetalers, over een variant die al zo’n 150 miljard euro lager is.
Maar dat is nog altijd te veel, vindt premier Jetten. “Het huidige voorstel is niet goed genoeg om tot een akkoord te komen. De begroting moet kleiner en moderner om klaar te zijn voor de toekomst.”
De discussie staat onder meer tijdsdruk dan normaal. Verschillende landen hopen dit jaar nog tot een politiek akkoord te komen. Ook de voorzitter van de Europese Raad, Antonio Costa, heeft die wens uitgesproken. Costa heeft als voorzitter de rol om de gesprekken tussen de Europese leiders in goede banen te leiden.
De tijdsdruk is het gevolg van een jaar vol verkiezingen dat Europa te wachten staat. Tussen nu en eind 2027 mogen Europeanen in vier van de vijf grootste EU-landen naar de stembus (Spanje, Frankrijk, Italië en Polen).
Vooral de Franse presidentsverkiezingen zouden de onderhandelingen nog veel moeilijker kunnen maken dan ze nu al zijn. Marine Le Pen, die bovenaan staat in de Franse peilingen, voert campagne op een veel lagere financiële bijdrage van Frankrijk aan de EU. Om die boodschap kracht bij te zetten, gaf ze eerder deze week speciaal een persconferentie in Brussel.
De landen steggelen niet alleen over de hoogte van de begroting, maar ook over hoe ze geld willen besteden. De groep van Duitsland en Nederland pleit voor een ‘moderne begroting’, zoals ze het zelf noemen. Daarin moet er meer geld naar innovatie, defensie, tech en de energietransitie en minder naar landbouw en armere regio’s.
Het voorstel dat nu op tafel ligt, is weliswaar minder omvangrijk dan het oorspronkelijke plan van de Europese Commissie. Maar die verlaging zit voor een deel wel juist bij de thema’s die Nederland belangrijk vindt, zoals onderzoek en innovatie.
“We liggen tweeënhalve maand voor het einde van het jaar nog heel ver uit elkaar”, zegt Merz. “Maar dat betekent niet dat we de komende maanden nog met oplossingen kunnen komen.”
De Duitser stuurt aan op een akkoord bij de Europese top op 17 december. Als de leiders dan daadwerkelijk overeenstemming willen bereiken, kan die top meerdere dagen en nachten duren. “Ik zal voor die top een aantal extra overhemden inpakken”, aldus de Duitse bondskanselier.
De Franse president Macron legt ook druk op de onderhandelingen. Frankrijk wil een deal voor het einde van het jaar, omdat onderhandelen over de EU-miljarden tijdens de Franse presidentsverkiezingen te gevoelig zou zijn.
Maar niet alle leiders voelen de noodzaak haast te maken. “We zullen geen akkoord tekenen dat niet gunstig is, alleen maar om de deadline te halen”, zei de Italiaanse premier Meloni eerder deze week. Uiteindelijk moeten alle landen het eens zijn over de nieuwe begroting. 13 november spreken de EU-leiders verder met elkaar, dan in Dublin.

