Westerveld schetst worsteling als coronawoordvoerder
Westerveld blikt terug op de tijd als coronawoordvoerder van GroenLinks en haar zoektocht naar achterliggende overwegingen van ingrijpende kabinetsbesluiten. Vaak midden in de nacht kregen Kamerleden dikke stapels documenten over de geplande nieuwe maatregelen en die moesten razendsnel doorgenomen worden vanwege het naderende Kamerdebat.
Westerveld, andere Kamerleden en de medewerkers van de GroenLinks-fractie gingen op zoek naar cijfers, berekeningen en verklarende documenten in de “hele dikke pakken papier”. De noodzakelijke informatie was niet altijd te vinden en Westerveld en haar medewerkers probeerden ook meer duidelijkheid te krijgen door met de opstellers van die stapeldikke rapporten te bellen. “We wilden echt weten op basis van welke gegevens de maatregelen gestoeld waren. Dat moet je weten als controleur van de macht”, aldus Westerveld, die duidelijk maakt dat het niet gemakkelijk was.
Westerveld: Kamer werd te lang buitenspel gezet
Westerveld zegt te begrijpen dat het kabinet in het begin ingrijpende maatregelen nam zonder goedkeuring van het parlement. Dat gebeurde op basis van een tijdelijke wet om snel ingrijpende coronamaatregelen te nemen. “Als het land in een paniekstand staat, is dat te begrijpen. In de eerste tijd moet het kabinet snel maatregelen kunnen nemen want het kan levens kosten.”
Maar het kabinet heeft de Kamer toch te lang buitenspel gezet, vindt Westerveld. Er werd te lang gebruikgemaakt van die speciale wet, ook toen de coronacrisis al langer aan de gang was. “Het was ook wel gemakkelijk om het democratische effect te omzeilen.”
Ze zegt dat dit niet goed was voor het creëren van draagvlak in de samenleving. “De inspraak van het parlement is daarvoor heel belangrijk.” Ze vindt ook dat de Tweede Kamer bij de beoordeling van coronamaatregelen “voor voldongen feiten” werd gesteld.
Verder vindt ze dat het kabinet zich af en toe verschool achter de adviezen van de deskundigen van het Outbreak Management Team (OMT). “Het kabinet zei vaak dat bepaalde maatregelen van het OMT moesten, maar als je de adviezen goed las, stond de maatregelen er slechts als suggestie.”
Westerveld: er had veel meer aandacht moeten zijn voor jongeren die het moeilijk hadden
De commissie wil eerst van Kamerlid Westerveld weten wat zij in de tijd als GroenLinks-Kamerlid vond van het grotendeels schrappen van debatten. Er werd eigenlijk alleen over coronamaatregelen gedebatteerd. Ze noemt dit besluit “begrijpelijk” maar ook “ingewikkeld”. Ze was namelijk woordvoerder over jeugdzorg, gehandicaptenzorg en onderwijs en zag dat de coronagevolgen groot waren voor jongeren met een mentale handicap die in een instelling zaten en geen bezoek mochten ontvangen. Ze vindt dat destijds, maar ook nu nog, jongeren met een verstandelijke handicap te weinig “gezien en gehoord” worden.
“Met de kennis van nu was er voor jongeren die het moeilijk hadden te weinig aandacht”, aldus het Kamerlid dat zich nog steeds inzet voor deze groep.
Coronacommissie hoort Kamerlid Lisa Westerveld (Pro)
Vanaf 14.00 uur hoort de coronacommissie Pro-Kamerlid Lisa Westerveld. Zij was in coronatijd zorgwoordvoerder voor GroenLinks en had ook kritiek op de communicatie vanuit het kabinet. “Het wantrouwen in de politiek is deels veroorzaakt door opruiing van rechtse parlementariërs, maar ook door fouten van het kabinet”, zei ze later in een debat over het mondkapjesbeleid.
Westerveld verweet het kabinet de Tweede Kamer pas te informeren als de politieke keuzes al waren gemaakt. “Het besluitvormingsproces was stuk”, vatte ze later samen.
Westerveld is sinds 2017 lid van de Tweede Kamer. Daarvoor was ze voorzitter van de Landelijke Studentenvakbond (LSVb).
Vanmiddag hoort de coronacommissie Kamerlid Lisa Westerveld (Pro)
De ondervraging van Agema is afgerond. Vanmiddag hoort de coronacommissie Lisa Westerveld (Pro). Zij was in coronatijd, net als Agema, zorgwoordvoerder (toen nog van GroenLinks).
Oud-Kamerlid Agema: er werd niets gedaan aan beveiliging
“In het begin was er grote gemeenschappelijkheid in de Tweede Kamer”, zegt ze. “Daarna werd het meer coalitie tegen oppositie en werd het wat kribbiger onderling.” Ze voelde soms frustratie, maar van polarisatie in het parlement was volgens haar geen sprake.
In de wereld buiten de politiek was dat heel anders. Daar werd ze door voor- en tegenstanders toegeroepen, als ze met haar dochtertje aan de hand door de stad liep. “Dat was heel heftig.” Ze heeft gezien dat “sommige van haar partijgenoten heel veel bedreigingen hebben gehad op sociale media” en “er is niets gedaan aan bescherming, niet in mijn gezichtsveld in elk geval”.
Volgens haar was er een wisselwerking met de “escalatieladder van steeds meer maatregelen”. “Het leek op een gegeven moment een race naar de top van minister Hugo de Jonge, van steeds maar meer en meer.” Daardoor nam de onrust in de samenleving volgens haar toe.
“Ik ben best boos geweest richting de NCTV af en toe”, zegt ze, omdat de bescherming van Kamerleden in coronatijd volgens haar tekortschoot. Terwijl het “hier buiten wemelde van de mensen die erbovenop sprongen, heel fel”. “Waarom liepen wij daar alleen.”
Ze herhaalt nog eens dat de bedreigingen richting haar meevielen, maar ze vond de “agressie” tegen collega-Kamerleden heel groot. “Daar heb ik me zorgen over gemaakt.”
‘Rond coronatoegangsbewijzen functioneerde de democratie wel’
Agema vond veel maatregelen, zoals het coronatoegangsbewijs voor de horeca, behoorlijk ver gaan. Het kabinet redeneerde dat dit mensen de vrijheid gaf om in elk geval ergens naartoe te gaan, maar haar redenatie stond daar haaks op: “Alleen de mensen met een groen vinkje mochten naar binnen”.
Ze vond de testen die je voor zo’n toegangsbewijs moest ondergaan ook behoorlijk “invasief”. “We weten allemaal nog dat gedoe met die stokjes in je keel en ik vond dat nogal wat.”
Op de vraag of de grondrechten werden geschonden door dit soort maatregelen, geeft het oud-Kamerlid geen antwoord. Maar wat haar betreft functioneerde de democratie bij dit onderwerp wel goed. “Toen had je niet een blok coalitie tegen een blok oppositie, toen veerden partijen eindelijk op.” Volgens haar plaatsten toen ook de christelijke coalitiepartijen CDA en ChristenUnie hier vraagtekens bij.
Agema: er was te lang weerstand tegen de aerosolen-theorie
Oud-PVV-Kamerlid Fleur Agema raakte ervan overtuigd dat de verspreiding van het virus vooral via aerosolen ging, dat zijn kleine zwevende vochtdeeltjes die er bijvoorbeeld voor zouden kunnen zorgen dat veel mensen in een bus of in een kerk besmet kunnen raken. Om aerosolen tegen te gaan, moet je goed ventileren, aldus Agema.
Ze was heel verbaasd dat het Outbreak Management Team (OMT) maar bleef uitgaan van een “druppelinfectie”, waarop alle maatregelen gebaseerd waren. “Het ging er niet in dat een deel van de oplossing zo eenvoudig was als het openzetten van een raampje.”
“Niet het hele maatregelenpakket was onnodig, je moest bijvoorbeeld superspreading events blijven voorkomen. Maar sommige dingen, zoals het handen wassen als heilige graal, waren zinloos. Het openzetten van een raampje lost niet alles op, maar wel een deel van het probleem.”
Er was volgens haar “weerstand” tegen haar zienswijze, onder meer van de kant van Jaap van Dissel, die het OMT leidde. “Het was een soort muur waar je niet doorheen kwam.” Uiteindelijk is volgens haar de erkenning voor de verspreiding via aerosolen gekomen, “maar wel pas in 2024”.
“Ons land had er heel anders uitgezien” als de aerosolen-theorie eerder was omarmd, aldus Agema. “Het leidt tot heel andere maatregelen.”
‘Effect op jongeren was enorm: eerste zoen pas op hun 22ste’
Op de vraag of de Tweede Kamer erin geslaagd is om de belangen van mensen te behartigen in die tijd, zegt Agema volmondig: “Nee”. De scholen zijn verschillende keren dicht geweest en dat heeft de Kamer niet kunnen voorkomen. “Als je als kind een ouder had die ambtenaar was, was je beter af dan als je ouder bijvoorbeeld schoonmaker was.”
Ze vindt dat er meer onderzoek nodig is naar de volgens haar enorme effecten op de ontwikkeling van jongeren. “Ik heb gezien dat jongeren pas op hun 22ste voor het eerst hebben gezoend.”
Agema: er was geen ruimte om bij te sturen, het zat ‘potdicht’
Agema vindt het onbegrijpelijk hoe de informatievoorziening richting Tweede Kamer ging. Het parlementaire debat vond pas plaats nadat de besluiten over nieuwe maatregelen al waren afgekondigd, zegt ze. “De Tweede Kamer heeft de wettelijke taak om de besluiten van het kabinet te controleren”, benadrukt ze en daar kon ze niet aan voldoen. “Ik haalde vaak hele nacht door om in een enorm tempo alle stukken te bestuderen. De stress die dat met zich meebrengt!”
Het duurde vaak “tot middernacht” voordat de Kamer werd geïnformeerd. “Waarom duurde dat zo lang?”, vraagt zij zich af. “Was er sprake van tegenwerking? Het lijkt me toch dat de inhoud van de brieven al voor de persconferenties over de maatregelen bekend was.”
Het oud-Kamerlid erkent dat de werkdruk destijds op het ministerie van VWS erg hoog was, maar dat is volgens haar geen verklaring voor de rare volgorde: eerst persconferenties over nieuwe maatregelen en pas daarna een brief van tientallen kantjes aan de Kamer, vlak voordat de Kamer er dan, achteraf, over kon debatteren.
Er was volgens Agema ook geen ruimte om bij te sturen. De besluiten werden op zondag in het Catshuis genomen, door de betrokken bewindspersonen en mensen als Van Dissel van het RIVM, en in 95 procent van de gevallen was het dat, zegt Agema. “Er waren talloze moties, maar die werden allemaal verworpen.” Dat had te maken met de coalitie, die maakte dat het “potdicht” zat.
‘Sfeer van meer maatregelen, terwijl je ook een raam kon openzetten’
Er was aan het begin veel onduidelijk, zegt Agema. Daarom pleitte haar partij, de PVV, toen bijvoorbeeld nog voor de avondklok. “We wisten niet wat het virus zou doen, bij kinderen of ouderen bijvoorbeeld. Er was ook nog geen behandeling.”
Later vond de PVV dat de “vrijheidsbeperkende maatregelen” van het kabinet veel te ver gingen. “Er kwam veel meer kennis”, zegt ze. “Zo kwam er geen enkel bewijs dat besmetting via contact ging, toch hield het kabinet heel lang vast aan het handenwassen als belangrijkste maatregel en het ontsmetten van winkelwagentjes.” Volgens haar speelde aerogene overdracht van het virus, via de lucht, een veel grotere rol.
In november 2020 was ook het PVV-standpunt over de avondklok veranderd. Agema heeft de tijdlijn niet meer precies paraat, maar denkt dat dit was omdat de partij de maatregel “niet meer proportioneel” vond. “Je vrijheid om te gaan en te staan waar je wilt” is wat haar betreft heel belangrijk en daar had in de proportionaliteit van de maatregelen rekening mee gehouden moeten worden.
“Slapen deed ik niet in die tijd”, zegt het oud-Kamerlid. In de loop der tijd kwamen er meer rapporten van de OVV en nu kon je ook de onderliggende stukken lezen. Daar dook ze helemaal in en zag ze de maatregelen die het kabinet nam ook van andere kanten.
“Er was een sfeer van meer en meer en meer maatregelen”, volgens het Kamerlid. “Luchten door een raampje open te zetten was nog steeds niet geïntegreerd, waarmee we veel hadden kunnen voorkomen. Het moesten allemaal vrijheidsbeperkende maatregelen zijn.”
Agema: we werden lang in het ongewisse gehouden
Oud-Kamerlid Fleur Agema hoorde in het Kerstreces van 2019 voor het eerst over het coronavirus. Ze wist meteen “dat dit heel groot zou worden”, vertelt ze de commissieleden. Ze had grote zorgen, ook omdat door anderen de omvang van wat er aankwam werd onderschat, ook op het ministerie van Volksgezondheid zegt Agema. Volgens haar werden er aan het begin zelfs nog beschermingsmiddelen verkocht “aan China”. Daar schrok ze erg van.
“Het is wel de stille ramp genoemd”, zegt Agema, omdat de lijkkisten niet opgestapeld te zien waren. Maar er reden wel “lijkwagens” af en aan, zegt ze, aan de achterkant van verpleeghuizen. Hoe er met mensen in verpleeghuizen is omgegaan, is volgens haar verschrikkelijk; dat mensen bijvoorbeeld geen bezoek mochten hebben.
Dat er begin maart 2020 door het OVV was geconcludeerd dat de situatie heel erg was en dat er maatregelen moesten worden genomen, was niet gedeeld met de Tweede Kamer, zegt ze. Vanwege die informatieachterstand “stemde je dan maar in” met de sluiting van verpleeghuizen.
“Er was nog heel veel onbekend, maar het is schrijnend dat die situatie voorkomen had kunnen worden. Niet achteraf, maar ook toen. Je was toch in het ongewisse, er was heel veel angst”, zegt Agema. Volgens haar werd het gevoel van informatieachterstand breed gedeeld in de Tweede Kamer.
Agema was lid van de grootste oppositiepartij in de Tweede Kamer. Daarna was ze minister van Volksgezondheid in het kabinet-Schoof. Ze is nu werkzoekend, zegt ze, en wil graag burgemeester worden.
PVV-Kamerlid Agema zei voorheen dat grote fouten zijn gemaakt
Zometeen om 10.00 uur is Fleur Agema (PVV) bij de coronacommissie. Zij voerde destijds als Kamerlid van de PVV het woord over de zorg. In die rol was ze kritisch over de informatievoorziening door het kabinet. Daardoor kon de Tweede Kamer, volgens haar, zijn controlerende taak niet goed uitvoeren.
Agema vindt dat het kabinet in coronatijd grote fouten heeft gemaakt, bijvoorbeeld wat betreft het mondkapjesbeleid. Over toenmalig ‘coronaminister’ Hugo de Jonge zei ze na de crisis, in een debat in 2023: “Het is heel treurig dat deze mensen deze banen hebben en kennelijk houden, zonder dat ze de onherstelbare schade die ze aan de gezondheid van veel mensen hebben aangericht erkennen, laat staan hun excuses hebben aangeboden.”
In het kabinet-Schoof was Agema zelf minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport tot de PVV eruit stapte. Als bewindspersoon was ze verantwoordelijk voor een geplande bezuiniging op de pandemische paraatheid. Het huidige kabinet wil daar toch weer in investeren.
Commissie hoort oppositie-Kamerleden Agema (PVV) en Westerveld (Pro)
De coronacommissie hoort oud-Kamerlid Fleur Agema en zittend Kamerlid Kamerlid Lisa Westerveld (toen van GroenLinks, nu van Pro), ze zaten allebei in de oppositie en waren woordvoerder gezondheidszorg. De commissie praat deze week over de rol van de Tweede Kamer in coronatijd.
Eerste verhoordag na vakantie klaar, woensdag weer verder
De verhoren van vandaag zitten erop. Overmorgen komen oud-Kamerlid Fleur Agema (PVV) en zittend Kamerlid Lisa Westerveld (Pro). Beiden waren ze in coronatijd namens hun partij woordvoerder op het gebied van gezondheidszorg.
Roos: ik kreeg geen gehoor bij Kamervoorzitter over crisisstructuur
In de loop van de pandemie blijft Roos werken aan een crisisstructuur voor de Tweede Kamer, zegt de oud-griffier in haar verhoor. Ze komt met een ‘crisismanagementteam’, maar dat vindt Arib niets, zegt Roos, omdat dat “te autonoom” zou zijn.
“Ik ben het daar niet mee eens”, zegt Roos. “Maar ik ben ook een klassiek opgeleide ambtenaar en ik wil dat de politieke leiding senang is.” Ze past het plan daarom aan, met een grotere rol voor de voorzitter, schetst de oud-griffier.
Maar dat plan wordt nooit besproken, terwijl Roos er naar eigen zeggen “meermaals” naar had gevraagd. “Ik kreeg of geen reactie, of ‘ik kijk er nog naar’, of we moesten het opnieuw aanleveren want dan was het kwijt. Het klinkt misschien heel gek, maar zo was het.”
Complexe relatie
Arib noemde het plan van het managementteam in haar verhoor in juni “mosterd na de maaltijd”. “Je moest op dat moment handelen en dan lagen er van die dikke rapporten die in besloten ambtelijke kring waren bedacht”, zei de oud-voorzitter.
De commissie, die wil achterhalen waarom het crisisplan niet van de grond kwam, vraagt Roos naar de relatie met Arib. Na een lange denkpauze kwalificeert de oud-griffier de relatie “tussen de betreffende voorzitter en de ambtenaren” als “complex”.
Roos vindt het lastig om te zeggen of de “complexe samenwerking” tussen haar en Arib ten koste ging van de werking van de Tweede Kamer tijdens de coronapandemie. Toen Arib na verkiezingen werd opgevolgd door Vera Bergkamp “veranderde het geheel en al. Want dat was wel een tandem”, zegt Roos.
Roos en Arib vertrokken beiden in november 2022 vanwege de kwestie-Arib, die draaide om anonieme klachten van ambtenaren over mogelijk grensoverschrijdend gedrag van de oud-Kamervoorzitter.
‘Crisisplan Kamer had af moeten zijn vóór pandemie’
Het crisisplan van de Tweede Kamer had klaar moeten zijn voordat de pandemie begon, zegt voormalig griffier Simone Roos. In maart 2020 lag er een concept, maar doordat het niet af was, werd tijdens de pandemie nog over de inhoud gediscussieerd, volgens Roos.
Dat was onhandig, schetst ze. “Er ontstond discussie over hoe je een crisis moet runnen en dat moet je eigenlijk niet doen tijdens een crisis.”
Het crisisplan was niet gericht op een specifieke situatie, zoals een pandemie. “Het gaat over stappen die je moet nemen en allerlei dingen waar je aan moet denken.” Een plan voor specifiek een pandemie lag er volgens de oud-griffier niet.
Oud-griffier Roos gaat in tegen oud-voorzitter Arib
Aan het begin van haar verhoor gaat oud-griffier Roos in op het verhoor van oud-Kamervoorzitter Arib. Arib zei in juni tegen de coronacommissie dat ze “te weinig” werd geïnformeerd over het crisisplan waar de ambtelijke top van de Tweede Kamer aan werkte.
Roos zegt daarover dat het crisisplan regelmatig aan bod kwam in vergaderingen en dat de Kamervoorzitter in haar rol als toezichthouder “elke vraag kon stellen” en alles kon inzien. Maar dat deed Arib niet, zegt Roos.
Volgens Arib was er sprake van een machtsstrijd tussen de politieke top van de Kamer (het presidium) en de hoge ambtenaren. De oud-voorzitter zei dat er allemaal “koninkrijkjes” waren bij ambtelijke afdelingen.
Ook dit weerspreekt Roos. “Strijd om macht, dat zijn niet mijn woorden.” De oud-griffier zegt dat ze “gewoon haar werk” deed als ambtenaar. “Als een ander het ingewikkeld vindt dat je dat doet dan ontstaat er spanning.”
Oud-Kamer-griffier Simone Roos gehoord
Om 14.00 uur begint het verhoor van toenmalig griffier van de Tweede Kamer, Simone Roos. Zij was tijdens de pandemie de hoogste ambtenaar in de Tweede Kamer en had de taak om onder anderen de achtereenvolgende Kamervoorzitters Khadija Arib en Vera Bergkamp te adviseren over procedurele en staatsrechtelijke aspecten.
Roos legde haar functie neer op 11 november 2022. Ze vertrok met vier andere leden van het managementteam van de Tweede Kamer. Dat had zijdelings ook met corona te maken. Aanleiding was de kwestie-Arib, die draaide om anonieme klachten van ambtenaren over mogelijk grensoverschrijdend gedrag van de oud-Kamervoorzitter.
Die klachten kwamen naar buiten toen bekend werd dat Arib als PvdA-Kamerlid de tijdelijke commissie corona zou gaan voorzitten. Dat ging niet door; Arib stopte op 4 november 2022 als Kamerlid. Kamervoorzitter Martin Bosma uitte in 2025 harde kritiek op Roos. Hij legde de schuld van de affaire-Arib grotendeels bij haar.
Arib werd in juni verhoord door de commissie. Ze was kritisch over de aanpak van de ambtelijke top van de Tweede Kamer, waartoe Roos behoorde. Ze noemde het crisisplan van het managementteam “mosterd na de maaltijd”, omdat het te lang op zich liet wachten. “Je moest op dat moment handelen en dan lagen er van die dikke rapporten die in besloten ambtelijke kring waren bedacht.”
Dijkhoff: wond uit coronatijd moeilijk te helen
De “diepe wond” in de samenleving die tijdens de coronapandemie is ontstaan, is volgens Klaas Dijkhoff lastig te helen. De voormalig VVD-fractievoorzitter denkt dat pogingen daartoe “al snel op wantrouwen stuiten” omdat het heel diep zit bij sommigen.
Mensen die in coronatijd tegen het kabinetsbeleid waren, hadden volgens Dijkhoff vaak het idee dat ze werden gestigmatiseerd en buitengesloten. “Ik richtte me toen ook te veel op de extremen”, erkent de VVD’er. Er was destijds weinig ruimte voor nuance en kritiek, vindt Dijkhoff.
“Je moet erkennen dat beide kanten het idee hadden dat ze opkwamen voor wat goed was voor de samenleving”, zegt de getuige van de enquêtecommissie. “Hoezeer je het gevoel ook hebt dat je gelijk hebt, er is best een kans dat je dat niet hebt.”
‘Geluid over gevolgen niet gelijkwaardig aan OMT-advies’
Signalen over de maatschappelijke gevolgen van de coronamaatregelen werden nooit gelijkwaardig aan de adviezen van het Outbreak Management Team, zegt Dijkhoff. De oud-VVD-fractievoorzitter zegt in zijn verhoor door de enquêtecommissie dat eerst maatregelen werden genomen en er daarna pas ruimte was om te kijken naar wat het betekende voor mensen.
Volgens Dijkhoff had de Kamer meer informatie over de gevolgen kunnen krijgen. “Maar of er dan andere besluiten waren genomen, dat kan ik niet zeggen.” Het was volgens hem ook logisch dat het kabinet vooral leunde op de adviezen van het OMT. “Bijna niemand had expertise, dus dan leun je op de experts.”
Het was volgens Dijkhoff daarbij ook logisch dat het advies van virusexperts leidend was. “Wij wilden dat iedereen die ernstig ziek werd van het coronavirus een plek op de intensive care kon krijgen.” En daar waren nou eenmaal maatregelen voor nodig, zegt Dijkhoff.
Dijkhoff: helemaal niet vergaderen lag niet op tafel
Dat er partijen waren die in coronatijd helemaal niet meer wilden vergaderen, zegt oud-VVD-fractieleider Dijkhoff niet te herkennen. “Nee, eigenlijk niet nee.”
Oud-Kamervoorzitter Khadija Arib zei in haar verhoor voor de vakantie dat er wel degelijk druk was om niet te vergaderen. Het ging daarbij volgens haar om de coalitiefracties VVD, D66, CDA en ChristenUnie. Maar Dijkhoff kan zich dat niet herinneren.
Wel wilde hij in die tijd onderzoeken of de Tweede Kamer kon vergaderen op een andere manier, bijvoorbeeld digitaal. “Ik zat op de lijn: de hele samenleving moet zich aanpassen, dus wij ook.”
Maar dat gesprek werd volgens hem in de kiem gesmoord omdat er tegenstand was “op principiële gronden”, onder meer van de voorzitter.
Dijkhoff: Kamer moest mee in de snelheid, expertise miste
Het Kamerwerk veranderde sterk aan het begin van de coronapandemie. Dat vertelt Klaas Dijkhoff, destijds fractievoorzitter van de grootste (regerings)partij, in zijn verhoor.
“In een keer ging het over het R-getal en ‘de hamer'”, schetst Dijkhoff. In de Kamer was weinig expertise op het gebied van virusuitbraken en alles ging ook nog eens heel snel.
Reactief
De Tweede Kamer moest mee in die snelheid, aldus Dijkhoff. Na nieuwe kabinetsmaatregelen volgde doorgaans vrijwel direct een debat.
“Je kan moeilijk zeggen: we debatteren een week later. Want dan was er alweer een nieuwe persconferentie geweest.” Het werk van de Kamer was in die tijd “reactiever” en het kabinet “kreeg veel ruimte”.
“Het was een soort rally around the flag“, zegt Dijkhoff. Later werd de steun voor het coronabeleid minder vanzelfsprekend en werd alles weer “politieker”. Ook kwamen na verloop van tijd vragen of alle geluiden uit de samenleving wel genoeg werden gehoord, aldus de voormalig politicus.
Oud-VVD-fractieleider Dijkhoff trapt verhoren af
De coronacommissie hoort vanaf 10.00 uur oud-politicus Klaas Dijkhoff. Hij was tussen 2017 en 2021 fractievoorzitter van de VVD. Dat was destijds de grootste partij in de Tweede Kamer (en in de coalitie).
Toch stelde Dijkhoff dat hij tijdens de coronacrisis wat aan de zijlijn stond. De belangrijke besluiten werden door het kabinet genomen en niet door de Tweede Kamer, was zijn ervaring.
In een interview in NRC zei hij destijds(opent in nieuw venster): “Je kunt wel leuk fractievoorzitter van de grootste coalitiepartij zijn, maar je staat toch op afstand. Het is meer controleren en meedenken dan zelf doen.” Hij constateerde in die beginfase dat er “minder ruimte voor politiek” was.
Dijkhoff en zijn familie komen uit Brabant, waar in februari 2020 nog carnaval werd gevierd. Hij zag daardoor in een vroeg stadium en van dichtbij hoe snel het virus om zich heen greep.
Coronaverhoren gaan verder, rol Tweede Kamer komt deze week aan bod
Ook de parlementaire enquêtecommissie hield reces, vandaar dat er zes weken geen coronaverhoren waren. Vanaf vandaag gaat de commissie bestaande uit Tweede Kamerleden weer verder.
Deze week wil de commissie vooral onderzoeken wat de rol van de Tweede Kamer zelf was tijdens de coronapandemie. Werd de Tweede Kamer bijvoorbeeld genoeg gehoord? Of ging het bijvoorbeeld in debatten te veel over de details, in plaats van de grote lijnen?
Vandaag verschijnt als eerste Klaas Dijkhoff voor de coronacommissie. Hij was tijdens de pandemie fractievoorzitter van de VVD, inmiddels heeft hij afscheid genomen van het Binnenhof. Na Dijkhoff is Simone Roos aan de beurt. Zij was destijds griffier (de hoogste ambtenaar) van de Tweede Kamer.

