NOS NieuwsAangepast

“Schrijnend en confronterend.” Zo noemt koning Willem-Alexander het vanochtend gepresenteerde onderzoek naar de rol van het Huis Oranje-Nassau bij het koloniale verleden van Nederland. “Het is een conclusie die me raakt”, zei hij na de overhandiging van het rapport.

De koning sprak van “onverbloemde en indringende” bevindingen. “Zonder erkenning van wat er is gebeurd, komen we niet verder”. Volgens hem moet het verleden eerlijk onder ogen worden gezien om opnieuw vertrouwen te creëren.

Uit het onderzoek blijkt dat de Oranjes eeuwenlang steun verleenden aan het kolonialisme en daaraan flink hebben verdiend. Wel hadden ze weinig invloed op het Nederlandse beleid daarover. Maar tot het aantreden van koningin Juliana in 1948 deden de Oranjes ook weinig om er iets aan te doen.

De onderzoeksresultaten werden aangeboden aan de koning nadat hoofdonderzoeker Gert Oostindie een samenvatting had voorgelezen. Willem-Alexander bedankte de onderzoekers daarvoor. “U heeft uw werk grondig, zeer grondig gedaan.”

De koning, die het onderzoek heeft gefinancierd, benadrukte dat van tevoren duidelijk was dat het onderzoek “volstrekt maar dan ook volstrekt onafhankelijk” moest zijn. “Het moet gedegen en wetenschappelijk zijn. De spaden diep de grond in.” Verder wilde hij dat de resultaten beschikbaar moeten komen voor iedereen.

“Ik heb eerder gereflecteerd op de rol van het Huis van Oranje-Nassau in de koloniale geschiedenis en de slavernij”, verwees Willem-Alexander naar de excuses die hij drie jaar geleden maakte. Maar dit onderzoek strekt volgens hem verder. Niet alleen “het overduidelijke gebrek aan handelen van stadhouders en koningen” in die tijd komt naar voren. “U laat zien dat kolonialisme en slavernij door stadhouders en koningen actief werden ondersteund, inclusief instemming met het neerslaan van verzet.”

De koning noemde in zijn toespraak dat vóór het tijdperk van zijn grootmoeder Juliana “tegendraads leiderschap ontbrak”, en dat dat misschien wel verschil had kunnen maken.

Willem-Alexander stipte aan dat het onderzoek, uitgevoerd door zestig onderzoekers onder leiding van een commissie van vier mensen, geen afronding is “maar een aansporing”. “Ik kan het verleden niet veranderen, maar ik kan wel naar beste kunnen een positieve bijdrage leveren aan het heden en aan de toekomst”.

Tot slot zei hij dat het onderzoek “met zijn ongemakkelijke uitkomsten” een extra stimulans is om inzet te blijven tonen voor wat hij bij zijn inhuldiging heeft gezworen. “Namelijk om de vrijheid en de rechten van alle Nederlanders en alle ingezetenen te beschermen.”

Share.
Exit mobile version