NOS NieuwsAangepast
De rechtbank in Den Haag heeft Eugène N. een levenslange gevangenisstraf opgelegd voor zijn rol bij de genocide in Rwanda in 1994. De rechter oordeelt dat de 66-jarige zich schuldig heeft gemaakt aan oorlogsmisdrijven en genocide.
De rechter acht bewezen dat N. indertijd deelnam aan een aanval op twee gemeenschappen in Rwanda, waar voornamelijk Tutsi’s woonden. Hun spullen werden geplunderd en hun huizen werden in brand gestoken. Er werden leuzen geroepen als “we gaan hen allemaal uitroeien”. Volgens de rechter keek N. daarbij vanaf de weg toe.
Toen vervolgens tussen de 5000 en 7000 Tutsi’s zich schuilhielden in een stadion, in de gedachte dat zij daar veilig zouden zijn, zorgde N. er mede voor dat zij daar niet uit konden ontsnappen. Die dag is er in het stadion op de Tutsi’s geschoten en zijn zij met stenen bekogeld.
Ook zijn er handgranaten in de menigte gegooid. De Haagse rechtbank acht bewezen dat N. een van de granaten in de mensenmassa gooide.
Invloedrijke rol
Later zijn er in de buurt in verschillende massagraven meer dan 4000 lichamen opgegraven. Volgens de rechter kan niet worden bewezen dat N. ook heeft opgeruid tot het plegen van genocide, hij wordt wel veroordeeld voor zijn bijdrage aan de moordpartijen.
N. was een lokale bestuurder van een gemeenschap van ongeveer 1000 mensen. Volgens de rechtbank was hij in 1994 een man van aanzien, en moet hij zich bewust zijn geweest van zijn rol en invloed die hij had. In plaats van zich afzijdig te houden, heeft hij meerdere, zeer ernstige feiten gepleegd, stelt de rechtbank.
De rechter oordeelt dat het handelen van N. laat zien dat hij een groot gebrek aan respect had voor de menselijke waardigheid en voor het leven als zodanig. Volgens het vonnis doet daarom alleen een levenslange gevangenisstraf recht aan het immense leed dat is toegebracht aan de slachtoffers en nabestaanden.
Vlucht naar Nederland
N. vluchtte in 1998 naar Nederland, waar hij ging wonen in Ede. In 2020 begon de Nederlandse justitie een onderzoek naar hem, waarna hij in 2024 werd opgepakt.
De opgelegde straf is gelijk aan de eis van het Openbaar Ministerie. De advocaten van N. hadden om vrijspraak gevraagd, omdat in hun ogen bewijs ontbrak.

