NOS Nieuws•
Het Openbaar Ministerie heeft een celstraf van 18 jaar geëist tegen Bryan D. uit het Drentse Schoonebeek voor een dodelijke schietpartij in Coevorden in juli vorig jaar. Daarbij kwam de 21-jarige Remmelt Wolters uit Emmen om het leven.
D. (24) staat met een 17-jarige plaatsgenoot terecht voor moord, drie pogingen tot moord en verboden wapenbezit. Tegen de minderjarige verdachte werd achter gesloten deuren twee jaar jeugddetentie en jeugd-tbs geëist.
Vriend ontvoerd
De schietpartij vond plaats in de nacht van 18 op 19 juli vorig jaar. Volgens justitie wilden D. en de minderjarige medeverdachte de ontvoering van een 18-jarige vriend voorkomen, schrijft RTV Drenthe.
De verdachte zei in de rechtbank dat hij op de vermeende ontvoerders schoot, omdat ze zijn vriend in een kofferbak van een auto wilden stoppen. Waar dit conflict precies over ging, is niet duidelijk.
“De verdachte wilde zijn vriend redden, maar hij stopte het leven van de nieuwsgierige Remmelt”, zei de officier van justitie. In een situatie van “angst en paniek” werden meerdere schoten gelost, zei D. vandaag. Het slachtoffer kende beide verdachten en wilde volgens het OM de ruzie sussen.
Fatale kogel
Na de schietpartij gingen de twee verdachten naar een café, waar ze iets dronken. Daar kregen ze te horen dat er iemand zwaargewond was geraakt. Volgens D. dacht hij op dat moment dat het om hun ontvoerde vriend ging en niet om Wolters. Dat het om Wolters ging, hoorde hij naar eigen zeggen later.
Uit onderzoek blijkt dat de fatale kogel afkomstig was uit het wapen van de jongste verdachte. Toch stelt het OM dat beide mannen verantwoordelijk zijn voor de dood van Wolters. “Er was sprake van een nauwe en bewuste samenwerking. Beiden trokken samen op en schoten samen op een groep mensen”, aldus de officier van justitie.
Het OM benadrukte dat de verdachten meerdere momenten hadden om zich terug te trekken. Van noodweer was volgens de officier van justitie dan ook geen sprake. “Ze hadden de politie moeten bellen, maar niemand deed dat.”
Geen berouw
De officier van justitie rekent het D. zwaar aan dat hij geen verantwoordelijkheid neemt en geen berouw heeft getoond. Ook werkte hij niet mee aan onderzoek in het Pieter Baan Centrum, waardoor geen behandeladvies kon worden opgesteld. Daarnaast zou hij tijdens zijn voorarrest softdrugs de gevangenis hebben binnengesmokkeld.
De advocaat van D. pleitte voor vrijspraak van de geweldsfeiten en stelde dat zijn cliënt alleen veroordeeld kan worden voor verboden wapenbezit.
In zijn laatste woord richtte D. zich tot de nabestaanden. “Het spijt me zeer wat er is gebeurd. “Ik kan de pijn en het verdriet niet wegnemen, maar het was niet zo bedoeld”, zei hij.
De rechtbank in Assen doet op 2 juli uitspraak.













