NOS Nieuws•
De spoorlijn tussen Goes en Vlissingen mag gebruikt worden voor een proef met een nieuw beveiligingssysteem, heeft de rechter in Den Haag geoordeeld. Zeeuwse scholen hadden een rechtszaak aangespannen tegen de Staat, omdat de overlast van de proef voor scholieren en studenten te groot zou zijn.
Door het oefenproject rijden er drie tot vier maanden geen treinen tussen Goes en Vlissingen, een belangrijke verbinding voor scholieren en studenten om in Zeeland op school te komen. Ook na deze periode verwacht ProRail nog negen maanden overlast en verstoringen van het treinverkeer. Het project gaat in 2029 van start.
De rechter oordeelt dat de overlast van de proef niet zwaarder weegt dan de voordelen. Binnen de Europese Unie is afgesproken dat voor 2050 overal een nieuw beveiligingssysteem in werking moet zijn, het zogenoemde European Rail Traffic Management System (ERTMS). Dat vergt veel voorbereiding en moet daarom uitvoerig getest worden.
De Stichting Scholierenvervoer Zeeland (SSZ) vindt de keuze voor de Zeeuwse spoorlijn onrechtmatig. Er wordt vervangend busvervoer geregeld voor de gedupeerden, maar dit leidt tot aanzienlijk meer reistijd. Hierdoor vreest de SSZ dat studenten uit zullen uitwijken naar scholen in Brabant of Zuid-Holland. Ook is de scholenorganisatie bang dat onderwijsinstellingen meer moeite zullen hebben met het aantrekken van nieuw personeel.
De SSZ heeft een enquête gehouden onder studenten van de Hogeschool Zeeland, die zou aantonen dat de afsluiting van het spoor inderdaad gevolgen heeft voor de studiekeuze van studenten en hun aanwezigheid tijdens lessen of toetsen.
De rechter vindt dit onvoldoende onderbouwd, mede omdat de enquête alleen onder studenten van een onderwijsinstelling is gehouden. Ook weegt mee dat het spoor enkele maanden afgesloten wordt, terwijl een studie meerdere jaren duurt.
Relatief weinig overlast
Het spoor in Zeeland is in 2024 gekozen als proefkonijn omdat daar relatief weinig mensen last zouden hebben van de gevolgen, op het traject reizen dagelijks zo’n 3000 mensen. Eerst zou de test gedaan worden op de spoorlijn tussen Lelystad en Zwolle, maar dat zou de dienstregeling in de rest van het land te veel beïnvloeden. Bovendien kan voor dusdanig grote aantallen reizigers geen vervangend vervoer geregeld worden.
De keuze voor de Zeeuwse spoorlijn pakt nadelig uit voor de mensen die hier gebruik van maken, maar dat betekent niet dat de staatssecretaris de keuze niet had mogen maken, oordeelt de rechter.











