In samenwerking met
Omroep West
NOS Nieuws•
De Haagse rechtbank heeft een man vrijgelaten tegen wie onlangs nog 14 jaar celstraf was geëist wegens betrokkenheid bij een moord in 1992.
Dat betekent vrijwel zeker dat de nu 71-jarige verdachte wordt vrijgesproken, laat zijn advocaat weten bij Omroep West. De geruchtmakende moord op garagehouder Loek van Dam in Den Haag blijft daardoor hoogstwaarschijnlijk onopgelost.
De zoon van Loek van Dam reageert teleurgesteld via zijn advocaat Sébas Diekstra: “Cliënt had gehoopt dat er nu eindelijk, na al die jaren, voor eens en voor altijd duidelijkheid zou komen over wat er met zijn vader is gebeurd en wie daarvoor verantwoordelijk is”, zegt hij. “Voor nabestaanden is het uitblijven van volledige antwoorden buitengewoon zwaar.”
Bekende cold case
De moord op de 64-jarige Louis ‘Loek’ van Dam is al jarenlang een van de bekendste cold cases van Nederland. Hij werd eind januari 1992 dood gevonden in zijn garage. Hij bleek van achteren met zes kogels te zijn doodgeschoten.
Roofmoord werd meteen uitgesloten. Zijn portemonnee met bijna 1800 gulden zat nog in zijn zak. Wel kwam als mogelijke verdachte vrij snel Ruben B. in beeld. Volgens het Openbaar Ministerie (OM) had B.’s vrouw een affaire met de garagehouder en kon B. dat niet verkroppen.
Ruben B. zat in 1992 enige tijd vast, maar werd vrijgelaten en de zaak werd geseponeerd wegens gebrek aan bewijs.
Anonieme tip
Ongeveer een jaar geleden werd B. opnieuw opgepakt na een anonieme tip dat hij zijn destijds 15-jarige zoon de moord had laten plegen. De zoon werd ook opgepakt, maar de verdenking tegen hem bleek verjaard.
Het OM zette de zaak tegen Ruben B. wel door. Op 16 februari moest hij voor de rechter verschijnen. “Loek van Dam is geëxecuteerd zonder de moordenaar in zijn ogen te kunnen kijken”, zei het OM toen.
B. ontkende elke betrokkenheid. “Ik heb die meneer niet vermoord, ik heb geen wapen in mijn handen gehad”, zei hij in de rechtbank. “Ik heb ook niemand dat gevraagd.”
‘Roddelpraat’
Tijdens de rechtszaak kwam het OM nog met afgeluisterde gesprekken van B.’s familie, waaruit zijn betrokkenheid bij de moord zou blijken. B. noemde dat “roddelpraat”.
Hoewel de rechtbank nog geen inhoudelijke toelichting heeft gegeven op B.’s vrijlating uit voorlopige hechtenis, lijkt het erop dat de rechters nu concluderen dat er geen wettig en overtuigend bewijs is dat hij betrokken was bij de moord.
Of dat inderdaad zo is, blijkt op 24 maart. Dan doet de rechtbank uitspraak. Het OM zegt door de rechtbank op de hoogte te zijn gesteld van de vrijlating van B., maar wil niet reageren. “Wij wachten het vonnis van de rechtbank af”, laat een woordvoerder weten.










