NOS Nieuws••Aangepast
Het OM eist een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van acht weken tegen de man die in 2020 de 14-jarige Tamar uit Marken doodreed. De 33-jarige verdachte Jamal T. zegt dat hij dacht dat hij een dier had geraakt, maar het OM vindt dat hij had moeten vermoeden dat het een mens was.
Door na het ongeval door te rijden heeft hij haar in hulpeloze toestand achtergelaten. Daarvoor eist het OM een celstraf van zes weken.
Daarnaast acht het OM bewezen dat de man kort voor de aanrijding niet op de weg lette. Daarvoor eist het OM een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van twee weken. Als hij wel had opgelet, had hij de aanrijding kunnen voorkomen, aldus het OM.
Ruzie
Agenten troffen het lichaam van Tamar in de nacht van 24 op 25 juli 2020 aan in de berm van de provinciale weg van Monnikendam naar Marken. Ze waren op weg naar de ouders van Tamar, die de politie gebeld hadden, omdat zij na een ruzie met haar ouders was weggelopen en na uren nog niet terug was.
Tamar lag deels op de weg, deels in de berm. Uit remsporen en ander bewijs bleek dat zij was aangereden. Onderzoek wees uit dat ze door een witte Mazda uit Duitsland was overreden of aangereden.
Die auto was eigendom van de 33-jarige verdachte T. uit Duitsland. Hij verklaarde dat hij met vrienden, die ook in de auto zaten, voor een korte vakantie in Nederland was geweest. Ze hadden wel gemerkt dat ze tegen iets waren aangereden, maar verklaarden dat ze dachten dat het een varken of hert was geweest.
T. zegt dat hij Tamar niet heeft gezien, omdat hij op de navigatie op de telefoon van de vriend naast hem op zoek was naar een kampeerplek. Zij en de twee andere inzittenden stapten niet uit om te zien wat er gebeurd was en reden door.
Later stopten ze wel op een parkeerplaats in Marken om te zien wat de schade aan de auto was. Die bleef beperkt tot een kapot stuk plastic bij het rechter voorwiel en een mistlamp. Ze besloten daarna om rechtsomkeert naar Duitsland te maken, omdat het in Nederland te koud en te nat zou zijn.
Het OM twijfelt aan dit verhaal, maar kan niet bewijzen dat T. of de anderen wisten dat ze iemand hadden aangereden.
Versleept
Het OM heeft ook onderzoek laten doen naar de vraag of de verdachte of zijn vrienden het lichaam van Tamar van de weg naar de berm hebben versleept.
Dat bewijs is niet gevonden. Op de kleding van Tamar of haar lichaam is geen DNA van T. of een van zijn vrienden gevonden. Het hoge bermgras was op het moment dat de politie daar aankwam niet vertrapt.
Excuses OM
Het Openbaar Ministerie had in eerste instantie besloten om T. niet te vervolgen, omdat niets erop wees dat hij te hard had gereden. Ook was uit onderzoek gebleken dat Tamar al op de weg lag, voordat ze was aangereden. Waarom ze daar lag, is niet opgehelderd.
Het OM legde T. een boete op van 1500 euro omdat hij niet genoeg had opgelet. Tamars ouders legden zich daar niet bij neer. Ze stapten naar de rechter om vervolging af te dwingen.
Het OM verklaarde vandaag dat het besluit om de zaak met een boete af te doen niet juist was. “Achteraf is dat geen juiste beslissing geweest”, zei een officier. “Dat hadden we anders moeten doen. Bij een ongeluk als dit met zo veel onduidelijkheid is de enige juiste beslissing de zaak aan een rechtbank voor te leggen.”
Het OM excuseerde zich voor het feit dat de zaak pas vandaag voor de rechter komt. Dat had te maken met de tijd die deskundigen nodig hadden om onderzoek te doen en het feit dat de verdachte lange tijd niet naar Nederland wilde komen, aldus het OM. “Het heeft te lang geduurd, daarvoor bieden wij onze excuses aan.”

