NOS Nieuws•
Ruim dertig jaar na het vertrek van de laatste Amerikaanse soldaten uit Soesterberg komen er weer militaire uniformen in het straatbeeld. De oudere inwoners hebben goede herinneringen aan Defensie in hun dorp, maar nieuwe bewoners vragen zich af wat de komst van zoveel nieuwe inwoners doet met de leefbaarheid.
Onlangs startte de verhuizing van het 45e Pantserinfanteriebataljon van de landmacht uit Havelte, een gevechtseenheid van 700 mensen, naar Soesterberg. Defensie hoopt in het midden van het land meer werknemers te kunnen aantrekken, iets wat in Drenthe niet lukte.
De Du Moulinkazerne, waar de eenheid wordt gehuisvest, wordt onderdeel van een nieuw te vormen militair dorp. Deze Legerplaats Soesterberg bestaat uit meerdere kazernes langs het Zeisterspoor. Daar komt ook een gloednieuw logistiek centrum dat in oktober in gebruik wordt genomen.
Afgesloten voor publiek
Het gebied is nu nog toegankelijk voor het publiek, maar wordt na de renovatie afgesloten. Ook de oude tankwerkplaats wordt vernieuwd en omgedoopt tot Technologie Centrum Land. Verder is er een kazerne van de Koninklijke Marechaussee en op twee plekken rond het dorp zijn oefenterreinen, de Leusderheide en de Vlasakkers, die intensiever zullen worden gebruikt.
Soesterberg wordt omringd door locaties ten behoeve van Defensie:
Brigadecommandant Sander Donker verwacht dat Soesterberg de vruchten zal plukken van de komst van zijn bataljon. “Veel militairen zullen op de kazerne wonen, maar inkopen en ontspanning zoeken in de regio. Het dorp zal gezelliger en drukker worden”, verwacht hij.
Amerikaanse erfenis
Veel in Soesterberg herinnert nog aan de aanwezigheid van de Amerikaanse luchtmacht, die was gelegerd op de luchtmachtbasis Soesterberg. Het sociaal-cultureel centrum draagt de naam De Basis. Verderop staat het Officierscasino, dat zelfs nog dateert uit de Tweede Wereldoorlog en nu wordt verbouwd tot zorgwoningen. Aan de weg naar Soesterberg, met de voormalige vliegbasis, staat een monument dat herinnert aan 40 jaar aanwezigheid van de Amerikaanse luchtmacht.
Na de Koude Oorlog, toen de oorlogsdreiging grotendeels verdween, sloot de luchtmachtbasis, als gevolg van bezuinigingen op defensie. Het voormalige vliegveld werd getransformeerd tot natuurgebied.
En dat is vooral de charme voor veel nieuwe bewoners, die na 2000 naar Soesterberg kwamen. Zij dachten er voor rust en natuur te komen, maar zien hoe het ministerie van Defensie het vizier weer op de Utrechtse Heuvelrug heeft gericht en de strijdkrachten wil versterken als gevolg van de nieuwe dreiging vanuit Rusland.
Als ze oefenen op de Leusderheide is het nu al oorlog in mijn achtertuin.
Ans Oude Geerdink, lid van Stichting Balans Soest, ziet dat het schuurt tussen de oude en nieuwe bewoners van Soesterberg. “Het dorp is de laatste decennia met meer dan een kwart gegroeid, maar de voorzieningen zijn niet verbeterd”, stelt ze vast.
“We moeten voor veel zaken het dorp uit, maar openbaar vervoer is lastig. Ook medische voorzieningen en sportvoorzieningen zijn hier niet best. En waar moeten al die mensen wonen?”, vraagt ze zich af. Bewoners vrezen de overlast: “Als ze oefenen op de Leusderheide is het nu al oorlog in mijn achtertuin”.
Daarom hoopt ze dat de landmacht ook wat goeds brengt. Dat denkt ook burgemeester Rob Metz van Soest. Hij noemt de uitbreiding vooral een kans: “De middenstand zal er zeker van profiteren en de bewoners vinden de reuring wel leuk.”
Meer voorzieningen
Toch ziet ook hij wel een uitdaging. “We moeten een uitdijende krijgsmacht faciliteren en daarbij de leefbaarheid in stand houden.” Soesterberg zal op termijn groeien van 8000 naar 11.000 inwoners, is de verwachting. Hij denkt dan ook dat de huisvesting de nodige aandacht zal vragen: “Veel militairen worden ingekwartierd op de kazerne. Pas later zullen er ook gezinnen deze kant op komen. Daarop moeten we ons voorbereiden, met woningen, maar ook met voorzieningen zoals scholen en gezondheidszorg.”
Ans Oude Geerdink heeft zich opgeworpen als belangenbehartiger voor de bewoners: “We worden nergens in gekend. We willen graag in gesprek met Defensie. De tijd van klagen is nu gestopt, nu moeten we opstaan en voor onszelf opkomen.”

