NOS Nieuws•
Mensen met een beperking kunnen nog altijd niet gelijkwaardig deelnemen aan de samenleving. Dat staat in een nieuw rapport van het College voor de Rechten van de Mens. Onder meer op het gebied van werk, zorg en onderwijs ervaren veel mensen met een beperking dat ze nog niet volledig mee kunnen doen. Ook hebben velen financiële zorgen.
Nederland ondertekende tien jaar geleden het VN-mensenrechtenverdrag handicap, met de belofte de rechten van mensen met een beperking te beschermen en hen gelijkwaardig te laten deelnemen aan de samenleving.
‘Tellen niet mee’
Zo zegt een op de vier mensen met een beperking het gevoel te hebben niet mee te tellen in de samenleving. Ook onderneemt de helft van de ruim 1800 ondervraagden minder sociale activiteiten dan ze zouden willen. Ook in de zorg gaat het niet goed. Een derde van de Nederlanders laat weten veel moeite te hebben om passende zorg of hulp te krijgen.
Verder worden in het onderwijs nog steeds niet genoeg aanpassingen gedaan om de opleiding goed te kunnen volgen, vindt een op de vier ondervraagden. Websites zijn nog onvoldoende toegankelijk, bijvoorbeeld door het ontbreken van ondertiteling bij video’s. Meer dan een kwart van de Nederlanders met een beperking ervaart ongelijke kansen op de arbeidsmarkt.
Twee jaar geleden ook kritiek
Twee jaar geleden werd Nederland al op de vingers getikt door de Verenigde Naties. Toen stelde een VN-comité dat Nederland geen strategie had om de afspraken van het mensenrechtenverdrag na te komen. In Nederland was het toen slecht gesteld met de toegankelijkheid van het onderwijs, het openbaar vervoer en de arbeidsmarkt voor mensen met een beperking, luidde de conclusie.
Het College zegt dat sindsdien wel stappen zijn gezet, maar dat de overheid achterblijft op haar beloften. “Na tien jaar VN-verdrag handicap zien we dat de ambities van het verdrag nog onvoldoende zichtbaar zijn in het dagelijks leven van mensen met een beperking”, zegt Rick Lawson, voorzitter van het College voor de Rechten van de Mens. “Dat blijkt ook uit kritiek van de VN, die zich zorgen maakt over onder andere het hoge armoederisico onder mensen met een beperking.”
Financiële zorgen
De problemen stapelen zich op, schrijft het College. Daarbovenop maakt ruim een derde zich zorgen of ze genoeg geld hebben in de toekomst. “Voor veel mensen met een beperking gaan geldzorgen verder dan alleen een tekort aan inkomen”, zegt Lawson.
“Het gaat over concrete zorgen rondom het korten van uitkeringen, stijgende zorgkosten, toeslagen of de kosten van hulpmiddelen waar zij afhankelijk van zijn. Juist omdat mensen met een beperking op meerdere vlakken tegelijk drempels ervaren, stapelen zorgen zich vaak op.”
De overheid is verplicht, onder het VN-verdrag, de gelijkwaardige deelname van mensen met een beperking aan de maatschappij mogelijk te maken. Maar dat is nog niet vanzelfsprekend. Beleid en wetgeving is ontoereikend en een groot deel van de deelnemers geeft aan dat zij niet betrokken zijn bij de ontwikkeling daarvan.
Daar ligt een kans voor de overheid, zegt het College. “De overheid moet ervoor zorgen dat de rechten van mensen met een beperking vooruitgaan, en niet achteruit”, aldus Lawson.












