NOS Nieuws•
Alle studenten in het mbo, hbo en wo hebben recht op een stagevergoeding, vindt het kabinet. Daarom wordt dat vastgelegd in de wet, al geldt er geen minimumbedrag.
Sectoren van het bedrijfsleven en stagebedrijven moeten het zelf op een redelijke manier regelen, zegt minister Letschert van Onderwijs. “Er is best willekeur, de ene student krijgt het wel, de andere niet.”
Er komt niet meteen een minimumbedrag in de wet omdat dat per sector moeilijk te bepalen is en de bedragen ook weer niet te hoog mogen zijn. Dan stoppen sommige bedrijven en instellingen misschien met het aanbieden van stageplekken.
In cao’s
Een deel van de bedrijven heeft stagevergoedingen vastgelegd in cao’s. Daar kunnen jongeren al een beroep op doen. Daarnaast zijn afspraken gemaakt in de nieuwe Stagecode hbo (2025) en in het Stagepact mbo (2023-2027). Daarin staat dat mbo-studenten dezelfde stagevergoedingen krijgen als hbo- en wo-studenten.
Uit cijfers van het CBS van maart 2025 blijkt dat maar 43 procent van de mbo’ers een stagevergoeding ontving. Uit eerder enquêteonderzoek van ResearchNed (2023) bleek dat 75 procent van de studenten in het hbo een stagevergoeding ontving. Voor het wo was dit 65 procent van de studenten met een verplichte stage en 91 procent met een facultatieve stage.
De minister wil dat alle bedrijven een stagevergoeding betalen. Zij denkt dat dat wel gaat lukken. “De arbeidsmarkt wordt steeds krapper dus bedrijven en instellingen hebben er belang bij om talenten aan zich te binden.”
Redelijke bedragen
Het moet ook gaan om redelijke bedragen. Als op termijn blijkt dat dit niet of onvoldoende gebeurt, komt er alsnog een wettelijk minimumbedrag voor stagiairs. De minister gaat daar “streng op toezien”, belooft ze.
Wie binnenkort stage gaat lopen heeft nog niets aan de wet. De Tweede en daarna de Eerste Kamer moeten er eerst nog over debatteren en mee akkoord gaan. Zoals het er nu naar uitziet, zijn er meer voorstanders dan tegenstanders. Daarna gaat de wet ergens in 2028 in.













