NOS Nieuws•
De provincies Groningen, Friesland, Drenthe en Flevoland gaan onderzoeken of zij kunnen meebetalen aan de aanleg van de Lelylijn. Zo kijken ze of het mogelijk is om jaarlijks tot 40 miljoen euro opzij te zetten, om bij te dragen aan de financiering van de langverwachte spoorverbinding tussen Noord-Nederland en de Randstad.
Met het bedrag kunnen de provincies en gemeenten tegemoetkomen aan het advies van Lelylijn-gezant Klaas Knot. Die presenteerde eerder dit jaar zijn advies over de bekostiging van de Lelylijn. Of de omvang van de bijdrage haalbaar is, wordt de komende maanden onderzocht.
Knot stelt voor dat het Rijk 25 jaar lang jaarlijks 400 miljoen euro reserveert. Dat zou neerkomen op circa driekwart van de benodigde investering van naar schatting 14,5 miljard euro. Het resterende bedrag moet volgens hem uit alternatieve financiering komen, zoals bijdragen van regionale overheden en mogelijk Europese subsidies.
Financiering Lelylijn
De landelijke politiek praat al jaren over de Lelylijn. Onder de afgelopen twee kabinetten werd de spoorverbinding tussen Noord-Nederland en de Randstad steeds realistischer.
Er lag zelfs al 3,4 miljard euro voor klaar, maar het vorige kabinet besloot vorig jaar om een groot deel van dat geld te gebruiken voor de aanleg van de Nedersaksenlijn, tussen Groningen en Enschede. Dat besluit leidde tot onbegrip bij de noordelijke provincies, die al meer dan zestig jaar ijveren voor de aanleg van de Lelylijn.
Bijdrage van de regio
Momenteel lijken er in Den Haag geen concrete plannen te zijn voor de Lelylijn: het huidige kabinet noemt de spoorverbinding niet in het regeerakkoord.
Een mogelijke bijdrage van de regio, omgerekend zo’n 40 miljoen euro per jaar volgens het advies van Knot, wordt daarom gezien als een belangrijk middel om steun te vergaren in Den Haag.
“Als je commitment vraagt van de Tweede Kamer voor de realisatie van de Lelylijn, helpt het enorm als de regio zelf ook bereid is middelen vrij te maken”, zegt Knot tegen RTV Noord.
Niemand heeft zomaar veertig miljoen per jaar op de plank liggen. Maar we vinden dit project zo belangrijk, dat we serieus kijken wat mogelijk is.
De provincies kwamen gistermiddag bij elkaar om te praten over de toekomst van de spoorverbinding. Zij concluderen zelf nu ook: ze moeten Den Haag met klinkende munt laten zien dat ze dit echt willen.
Of de regio daadwerkelijk 25 jaar lang miljoenen kan sparen, is nog niet zeker. “Het eerlijke antwoord is dat we dit nu aan het onderzoeken zijn”, zegt René Paas, de commissaris van de Koning in Groningen.
“Niemand heeft zomaar 40 miljoen per jaar op de plank liggen. Maar we vinden dit project zo belangrijk, dat we serieus kijken wat mogelijk is.” Er wordt dan ook bekeken hoe het bedrag onder de provincies verdeeld gaat worden, en wat gemeenten kunnen bijdragen.
Mocht het de noordelijke overheden lukken om het benodigde bedrag opzij te zetten, is daarna het plan om de 40 miljoen, samen met 400 miljoen van het Rijk, in een apart spaarfonds te stoppen. Volgens Knot kan het Rijk deze investering dragen.
“De Nederlandse economie is in beginsel groot genoeg om zo’n bedrag te dragen”, aldus Knot. “Maar de begrotingsdruk is hoog en er zijn veel andere claims op de rijksbegroting. Juist daarom is het belangrijk om het geld apart te zetten in een fonds, zodat het ook echt beschikbaar blijft voor dit project.”
Knot waarschuwt voor het zogeheten ‘koekoeksjong-effect’, waarbij grote projecten andere investeringen verdringen. Daarom pleit hij voor een apart fonds voor de Lelylijn, waar Rijk en regio niet zomaar bij kunnen. “Dat is de beste garantie dat het geld wordt gebruikt waarvoor het bedoeld is.”
‘Aan ons zal het niet liggen’
Over een week zal Knot zijn advies toelichten bij de vaste Kamercommissie Infrastructuur en Waterstaat. De verwachting is dat de Lelylijn daarna op de agenda van de Kamer wordt geplaatst. Dan zal duidelijk worden welke partijen dit zien zitten en belangrijker nog, of coalitiepartijen het voorstel van een spaarfonds willen omarmen.
“Ik denk dat het belangrijk is dat Kamerleden horen: er wordt iets van hen gevraagd, maar de regio staat ook klaar”, zegt Knot. Paas: “We opereren in een ingewikkeld politiek speelveld, maar één ding is duidelijk: aan ons zal het niet liggen.”










